Zuid-Europeanen doen het standaard: een siësta. Maar ook in ons koude kikkerlandje zijn er mensen die ’s middags zo moe zijn, dat ze wel kunnen slapen. Zij hebben last van een middagdip. Heeft iedereen die? En waarom hebben we juist in de middag zo’n dip? Aan het woord: een slaapdeskundige en diëtist.  

Een échte middagdip is iets anders dan ‘even geen concentratie’ of ‘een middagje wat minder fit voelen’, maakt diëtist Berdien van Wezel meteen duidelijk. “Je energie kan dalen vanwege warmte of inpakstress voor de vakantie. Dat is meer vermoeidheid en gaat vanzelf weer weg. Een middagdip is een gradatie erger.”

Niet iedereen heeft middagdip

Maar hoe herken je zo’n middagdip? Van Wezel: “Ik zou zeggen dat je spreekt van een middagdip als je een half uur nadat je hebt gegeten volkomen inzakt, apathisch op je stoel zit, het vrijwel elke dag gebeurt en er een patroon in komt.” Niet iedereen is gevoelig voor deze energiedip tijdens de middag. “Het heeft veel te maken met de hormonale huishouding. Geslachtshormonen hebben invloed op de insulinehuishouding. Dat heeft als gevolg dat de bloedsuikerspiegel steeds heen en weer schiet. Jonge meisjes die net beginnen te menstrueren en vrouwen in de overgang hebben vaker een middagdip.”

Zij zijn niet de enigen: ook mensen met hypoglykemie zijn gevoelig voor een middagdip. “Hypoglykemie is een aandoening waarbij je een sterk schommelende suikerspiegel hebt. Je hebt dan vaak meerdere dipjes op een dag.” Van Wezel: “Ook bepaalde eetpatronen maken je gevoeliger voor een middagdip. Denk aan onregelmatig eten, te veel eten of vergeten te eten. Plus: koolhydraten! Die kunnen ook de boosdoener zijn. Daar moet je dan wel gevoelig voor zijn.” Volgens slaapdeskundige Raymond Cluydts kan eten een middagdip niet veroorzaken. “Maar wel verergeren,” voegt hij toe.

Het heeft dus veel te maken met de bloedsuikerspiegel. Is er dan ook een link tussen een middagdip en diabetes? Van Wezel: “Nee, dat is niet het geval. Diabetes is een ziekte die ontstaat door fors overgewicht of erfelijkheid. Een middagdip kun je onder controle houden en kan weggaan.”

Ook Cluydts ziet dat de één sneller een middagdip heeft dan de ander. “Sommige mensen hebben meer slaap nodig of slapen in de nacht slechter. Die zullen in de middag gevoeliger zijn voor een dip. Dat kan ook veranderen tijdens het leven. Vaak begint het allemaal bij een verstoorde nachtrust en kan het resulteren in een aandoening zoals slaapapneu.”

Rond de klok van drie

Maar waarom is die middagdip dan steeds rond drie uur? “In de ochtend kan ons lichaam het nog volhouden op reserves. Zo rond drie uur is die top bereikt en daalt de energie,” legt Van Wezel uit. “Je wordt vermoeider en het is het zoveelste eetmoment. Het lichaam moet weer opnieuw die verhoogde bloedsuikerspiegel herstellen.” Cluydts vult aan dat het gaat om een natuurlijk proces. “Het is de timing van de dag. Tussen één en twee is ‘de window’ waarbinnen wij kunnen slapen.”

Powernap of niet?

Bij een middagdip wil je niets liever dan slapen. Maar is dat ook slim? Volgens Cluydts werkt een kort dutje goed. “Dat is iets anders dan een siësta. Een siësta is een habituele vorm en duurt meestal een paar uur, een powernap maar een paar minuten.” En die powernap kun je het beste rond een uur of één doen. “Als je rond drie uur een powernap gaat nemen, begint de nieuwe slaapcyclus. En dat is de slaapcyclus van je nacht. Ga je rond drie uur kort dutten, dan zorg je ervoor dat je in de nacht niet goed kunt slapen.”

Wat een powernap geslaagd maakt, verschilt overigens per persoon. “Meestal duurt een powernap tussen de vijf en twintig minuten. Bij sommigen helpt het om van tevoren een kopje koffie te nemen. We noemen dat een nappuccino (nap en cappuccino). De cafeïne gaat werken zodra je weer wakker wordt, waardoor je een extra energieboost krijgt. Het is ook verstandig om bij het wakker worden meteen alle zintuigen te stimuleren. Laat meteen licht binnen, doe muziek aan en was je gezicht met koud water.”

Helpt voeding?

Voeding kan helpen om een middagdip niet te versterken. Van Wezel: “Het belangrijkste is dat je suiker vermijdt. En dus ook alle toegevoegde suikers die in producten als koekjes en sap zitten.” Hoe zit dat met fruit? “Dat is een lastige. Ook daar kun je beter niet te veel van nemen, maar fruit bevat ook vitaminen die de weerstand verhogen.” Een dip voorkomen doe je door vooral langzame koolhydraten te eten. Als je al een dip hebt, is het een heel ander verhaal. “Hoe gek het ook klinkt: een sneetje lichtbruin brood of fruit kan helpen om snel uit die dip te komen. Na een halfuur eet je dan nog iets met langzame koolhydraten of veel eiwit.”