7 tips om vaker plantaardig te eten

    1201

    Artikel2_foto1Veganistisch eten is een interessant onderwerp en ik krijg hier dan ook regelmatig vragen over. Op dit moment is het voor mij (nog!) een te grote stap om 100% plantaardig te eten. Ik doe het zoveel mogelijk, maar af en toe blijft het knap lastig. In de afgelopen maanden ben ik achter een aantal dingen gekomen die mij helpen om deze manier van leven een stuk makkelijker te maken. Dus wil je graag veganistisch eten, maar weet je niet goed waar je moet beginnen? Ik heb zeven tips voor je!

    1. Challenge

    Doe mee aan een challenge. Op 1 april begint de Vegan Challenge weer, maar ik weet dat er nog veel meer challenges zijn. Dit was voor mij dé uitgelezen kans om het een keer uit te proberen. Ik vind het lastig om iets maar half te doen; dus of compleet een maand veganistisch eten of helemaal niet. Het was zeker in het begin wennen omdat je opeens heel veel dingen niet meer ‘mag’, maar je zult merken dat je opeens veel creatiever in de keuken wordt. Er gaat een wereld van nieuwe producten voor je open en je kunt juist ontzettend veel dingen eten.

    2. Vegan at home

    Thuis bepaal je zelf wat je eet en vooral wat je niet eet. Dus loop al je kastjes na en pluis de koelkast uit; gooi of geef (beter!) alle niet-plantaardige etenswaren weg. Het is wel slim om ervoor te zorgen dat je voldoende verse producten in huis hebt zoals fruit en noten, maar ook lekkere dingen zoals pure chocolade en vegan chips. Naast vegan at home kun je ook andere ‘regels’ aanhouden waar jij je fijn bij voelt: bijvoorbeeld alleen een plantaardig dieet doordeweeks of je eet alleen vegan tot 18:00.

    3. Zelfde product, maar dan plantaardig

    Vervang simpele dingen in je keuken door plantaardige opties. Zo kun je bijvoorbeeld de yoghurt door sojayoghurt vervangen en de koeienmelk door soja-,rijst-,amandel-, of kokosmelk. Maar ook honing is vervangbaar door agavesiroop en in de biologische winkel vind je plantaardige boter. Zo eet je onbewust toch een stuk minder dierlijke producten.

    4. Plannen

    Dit is toch wel een toverwoord voor bijna alles, dus ook voor deze kwestie. Niks is zo vervelend als je hongerig over het treinstation loopt en je ziet alleen maar frikadellen, kaasbroodjes en croissants. Zorg ervoor dat je standaard een snack in je tas hebt: bijvoorbeeld een stuk fruit, maar ook NAKD repen (gemaakt van fruit en noten) zijn veganistisch. Tijdens de Vegan Challenge nam ik mijn eigen broodbeleg mee naar werk, omdat ik niet vijf dagen in de week een broodje met hummus en komkommer wilde eten. Inmiddels worden er genoeg plantaardige opties besteld, dus heb ik dat probleem niet meer. Kijk in het weekend naar je weekplanning om er zo achter te komen of er mogelijke moeilijkheden kunnen ontstaan. Heb je een drukke week voor de boeg en wil je ‘s avonds niet uitgebreid koken? Doe dit dan op zondag en vries de porties in. Makkelijk, snel en goedkoop.

    5. Uiteten

    Ergens een hapje eten kan opeens een stuk ingewikkelder worden. Of niet? Ik heb een paar keer meegemaakt dat ik in de stress schoot omdat er geen vegan optie was. Als het kan, kies dan zelf het restaurant uit. Bel van te voren even en leg uit dat je plantaardig eet. Vaak is dit geen probleem en doet de kok z’n best om ook voor jou een lekkere maaltijd te serveren. Happy Cow is een online vegetarische/veganistische gids waar je makkelijk kunt zoeken naar leuke restaurants. De Surinaamse, Indonesische, Turkse, Thaise en Indiase keukens hebben veel veganistische opties. Bestel een vegetarische roti, dat wordt dan geserveerd met tofu of tempé in plaats van kip of een Indonesische veganistische rijsttafel en eet de lekkere pikante groenten met tofu of tempé en rijst.

    6. Neem de tijd

    In het begin heb ik uren gedaan om mijn boodschappenmandje te vullen. Er was immers zoveel te ontdekken! Vooral in de bio-winkel ging er een wereld voor mij open. Bij mijn standaard bio-winkel in Duitsland staat heel goed aangegeven welke producten plantaardig zijn en welke niet. Desondanks was het lastig een keuze te maken tussen de verschillende vleesvervangers, spreads en de verschillende soorten tofu. Ik zou dan ook niet met gierende honger dit gaan uitzoeken, want dan koop je waarschijnlijk te veel. In de ‘gewone’ supermarkt was het wat lastiger, want daar moest ik goed alle etiketten doorspitten. In het begin kost dit dus tijd, maar na een paar weken weet je goed wat je wel en niet kunt eten

    7. Maak het leuk!

    Want dat is het ook. Doe eens gek en vul je boodschappenmandje met groenten die je nooit zou kiezen: pastinaak, venkel, koolrabi en knolselderij. Ga de uitdaging aan (haat aan dat woord, maar kan er even niks anders van maken) en zet iedere avond iets nieuws op tafel. Je hebt geen zin om iedere avond een kale salade of dezelfde soep te moeten eten. Het leuke aan plantaardig koken is, is dat je mensen inspireert. Zij denken al snel dat je bijna niks mag eten en jij bewijst het tegendeel daarvan!

    Succes!