Een midsummer night’s murder met snot

    218

    Het was een onvoorstelbare zomer – niet alleen omdat de zomer heter was dan ooit. Ook omdat ik midden in die snikhete zomer tot mijn oren in het najaar en de griep en de verkoudheid zat. Gekkigheid. ’s Ochtends om zeven uur(!) meldde de thermostaat in de kamer dat het 27,5 graden was. Dan at ik een koud bakje yoghurt, nam ik een koude douche en fietste ik naar de redactie. Onderweg overal dorre bomen en struiken, gortdroge bermen en stoffige auto’s. Acht uur ‘s ochtend en nu al dertig graden.

    Weerstand was mijn eigen zomer-detective

    Aangekomen op de redactie verzeilde ik onmiddellijk in een andere realiteit. Mijn mail stroomde over met informatie over virussen en bacteriën, voor de komende herfstnummers. Griep, loopneuzen en snot. Winter, kachels en lekker onder de wol. Buiten vielen de mussen dood van het dak, hier was het herfst! Ook gek: ik dacht na al die jaren schrijven over gezondheid toch echt veel te weten over het griepvirus, bacteriën en hoe je het najaar en de winter fit kunt doorstaan. Maar nee, over een sterke weerstand bleek nog een wereld te ontdekken.

    Zo wordt onze weerstand slechter als we suiker eten. Natuurlijk is fruit goed voor een sterkere weerstand, maar een volkorenboterham is beter. Er zit een link tussen ruzie en ziek worden en ook tussen hardlopen en ziek worden. Er loopt zelfs een lijn tussen je huis-tuin-en-keukenweerstand en de no-go areas angst, depressie, diabetes en kanker. Weerstand was mijn eigen zomerdetective. En terwijl de thermometer naar de 36, 37 en 38 graden kroop en heel Nederland zich bezighield met de vraag: “Hoe heet wordt het morgen?”, dacht ik iets anders: wat zal ik morgen ontdekken over dit hot topic?

    Goed beschouwd is de weerstand een midsummer night’s murder. Wie helpt van tijd tot tijd je weerstand om zeep? Wie zijn de verdachten: het boevenduo bacterie en virus? Of zijn er meer killers? (Ja!) Hebben ze handlangers? (Ja!) En wie beschermt mij; mag ik iets verwachten van mijn omgeving of moet ik alles zelf doen? (Ja en nee.) En tot slot: hoe speur ik mijn eigen weerstandsvalkuilen op? Midden in mijn eigen weerstand-detective-maand werd ik (o ironie!) ziek. Omdat het toch hoogzomer was en ook nog eens vakantie, zat ik dus zielig ziek en zwak tussen zomerse feestgangers in een bootje. En ik wist een ding: je mag dan heel veel leren over weerstand, maar als je in je eigen valkuil valt, val je ook flink.

    Kennis is macht, maar dat wil niet zeggen dat kennis direct kunde is. Maar ik leef en leer, en door al die kennis was ik er sneller dan ooit bovenop. Zo snel dat ik op maandag alweer op de fiets zat en (weer) door een bloedhete straat fietste. Weer een dag op onderzoek in mijn eigen weerstands krimi. “Harry, hol schon mal den Wagen!”

    José Leeuwenkamp
    hoofdredacteur gezondNU

    Bestel het november-nummer van gezondNU in onze webshop »