Home Blogs Geen discipline

Geen discipline

0
Geen discipline

Als ik dit voorwoord tien jaar geleden had mogen schrijven, kon ik opscheppen dat ik drie keer per week sportte, met schaatsen mijn geld kon verdienen (als ik geen faalangst had gehad), steevast een 10 had voor de coopertest en in mijn vrije tijd vrijwel altijd in beweging was. Maar het is geen 2011. Het is 2021.

Nu sta ik er iets anders voor. Ja, ik doe vrijwel alles fietsend en ik wandel elk weekend, maar daar houdt het ook wel bij op. Waar ik vroeger drie sporten tegelijk deed – van judo tot schaatsen, handbal en tennis – doe ik er nu nul. Zero.

Waar ik vroeger drie sporten tegelijk deed,
doe ik er nu nul

Ik kan dan ook jaloers zijn op mensen als mijn collega Sandra, die alle artikelen van gezondNU zo mooi vormgeeft. Zij staat meerdere keren per week met dumbbells in haar handen en trekt haar hardloopkleding zonder morren aan. Oh, wat voelde ik met haar mee toen haar voet zes weken in het gips moest. En zelfs toen bewoog ze meer dan ik: ze deed de oefeningen gewoon zittend en probeerde waar het kon toch nog stappen te zetten. “Pff, uitslover”, zei ik tegen haar. Maar stiekem wenste ik dat ik die discipline had.

Het is avond als mijn telefoon ontploft: een van de groepsapps waar ik in zit staat roodgloeiend. De enige man van het gezelschap, ik noem hem D, wil het cadeau dat wij hem gaven innen: een obstacle run. Hij gooit een datum in de groep voor over een klein halfjaar. Wie doet mee? Vervolgens komen de appjes binnen:

A: Ik geloof dat ik dan net door mijn enkel ben gegaan

L: Oei, dan heb ik een begrafenis …

Snel daarna weer L: Tenzij ik mag aanmoedigen met wijn en bitterballen, dan kan ik

A: O ja, dan kan ik ook

S: Precies dit!

D: Ik ga ook andere vrienden vragen …

Ik grinnik bij het teruglezen. Ja, andere vrienden vragen, dat snap ik wel. Waarom gaven uitgerekend wij een obstacle run cadeau? Ik grinnik opnieuw.

M: Misschien wil iemand meedoen met 6 km? Dan wil ik wel

A: Ik heb de hoop op een sportief leven opgegeven

M: Iemand?

En dan, voor ik het weet, antwoord ik: 6 km lijkt mij superleuk!

Huh, wat? ‘Superleuk’ … Heb ik dat gezegd?! Terugnemen gaat niet meer, want M en D reageren al met “Leuk” en “Yes!”

Wat nu? Duimen dat het wordt afgelast? Nee, inmiddels lijkt het me oprecht ‘superleuk’. Nu alleen nog de discipline vinden om ervoor te trainen …

Liefs,

Lian van Doorn,
Hoofdredacteur