Hoofddraai

0

Het is woensdagmiddag en achter ons huis zijn de kinderen aan het hinkelen. Leuk! “Mag ik mee doen?” Ik hinkel of mijn leven ervan afhangt.
Best vermoeiend nog. En dat balanceren om het blikje te pakken, was vroeger ook makkelijker. Maar hé, zie mij gaan!

Ik pak het blikje en wil met een soepele draai fruitig naar de finish hinkelen. Maar in de draai, verdraai ik ongenadig mijn rug. De pijn vlamt tot mijn nek. Ik haal het eind, maar oeioei…
Met een stalen gezicht: “Gaan jullie maar door, ik moet koken.”

’s Avonds lig ik als een mummie in bed: rechtop in drie kussens, warme kruik in mijn rug en twee paracetamol achter de kiezen. 
“Je bent veel te stijf voor dat soort capriolen”, zegt mijn man ’s ochtends als ik me beklaag hoe slecht ik heb geslapen.
“Stijf?”, zeg ik beledigd. “Ik ben de souplesse zelf. Ik ren de hele dag van hot naar her.” Hij houdt wijs zijn mond. Ik sta zogenaamd soepel op en ga naar mijn werk. Daar strompel ik de trap op, plof op mijn stoel en begin te klagen over mijn rug.

“Maar jij sport toch elke zondagochtend?”, vraagt mijn collega.
“Jaha”, zeg ik voorzichtig. “Maar tijdens de laatste zwangerschap ben ik gestopt. Veels te duur om zo’n abonnement door te laten lopen.  Daarna zou ik weer beginnen.”
“Hoe oud is die jongste nu?”
 “Bijna vijf”
“Oh.” Ook zij houdt wijs haar mond. 

Op zaterdag ga ik naar het sportveld, en sta langs de lijn. ’s Avonds kom ik de bank niet af met mijn wijntje. Ik moet mijn rug ontzien, daarom.
Op zondag bakken we brownies. En omdat er veel brownies over zijn, eten we ook maandag en dinsdag brownies. En op dinsdagavond bakt mijn man appelflappen voor de hele klas. Op mijn aanraden bakt hij er vijftien te veel; je wilt immers niet te weinig hebben. Dus eet ik de rest van de week appelflappen.

Het is weer woensdag. Ik zie dat de kinderen doelpaaltjes klaarzetten om te gaan voetballen. Meedoen? Mwah. Mijn rug hè, ik moest maar niets forceren.

Een collega die een artikel over dementie schrijft: “Ik loop hard omdat ik niet dement wil worden.” Huh? “Alles wat goed is voor je hart, is ook goed voor je hersenen.” Het klinkt me radicaal in mijn oren. Heb ik niet nodig, ik ren de hele dag van hot naar her. (Van de auto, naar het koffiezetapparaat, van de bank, naar mijn bed …)

Ik ben inderdaad heel soepel. Ik verdraai de waarheid over mezelf met het grootste gemak. Maar ergens knaagt het – vooral in mijn rug.

José Leeuwenkamp, hoofdredacteur gezondNU, eerder verschenen in gezondNU 10, 2012.