In april dit jaar is het eerste borstkankerziekenhuis in Nederland geopend. Steeds meer ziekenhuizen gaan zich specialiseren. Is specialistische zorg de toekomst?

Ruim tweehonderd patiënten van het Alexander Monro Ziekenhuis in Bilthoven hebben het borstkankerziekenhuis beoordeeld. Het ziekenhuis krijgt gemiddeld een 9,5. Jan van Bodegom, directeur van het Alexander Monro Ziekenhuis, zegt: “Patiënten zijn klaar voor specialistische zorg anno 2013: direct een afspraak, geen wachttijden en nog dezelfde dag een diagnose en een voorstel voor het behandelplan.” Heeft Van Bodegom gelijk?

Langere reisafstand

De Borstkankervereniging Nederland heeft een enquête gehouden over de komst van het borstkankerziekenhuis. Uit het onderzoek blijkt dat vijftig procent van de respondenten het Alexander Monroe Ziekenhuis een goede ontwikkeling vindt. De reisafstand naar dit soort ziekenhuizen is meestal langer. Tachtig procent van de ondervraagden is bereid verder te reizen voor een erfelijkheidsonderzoek, 68 procent wil dit doen voor een directe reconstructie aan de borst.

Meer expertise en ervaring

Kankerbehandeling wordt steeds complexer. Volgens de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) is 97 procent van de kankerpatiënten bereid te reizen voor betere kwaliteit. In de toekomst zal die kwaliteit vooral geleverd worden door topklinische en academische ziekenhuizen met een focus op kanker in brede zin. Het gaat hierbij vaak om een kankercentrum georganiseerd in het ziekenhuis.

De behandeling van zeldzame vormen van kanker zullen zich concenteren in enkele gespecialiseerde centra. Specialistische ziekenhuizen kunnen gebruik maken van meer expertise en hebben meer ervaring. Kleinere ziekenhuizen richten zich in de toekomst vooral op de basiszorg en voeren onderdelen van de behandeling uit.

Persoonlijke behandelplannen

Hoewel in steeds meer grote ziekenhuizen kankercentra komen, zijn klinieken zoals het Alexander Monro Ziekenhuis volgens Anemone Bögels, directeur van het NFK, niet de oplossing. Bögels vraagt zich af of kleinere, specialistische ziekenhuizen net zoals de algemene ziekenhuizen adequaat kunnen reageren op onverwachte situaties en of zij daar genoeg faciliteiten voor hebben.

Bovendien gaat het volgens Bögels in de toekomst niet om de plek waar de kanker voor komt, maar om het genetische profiel van de patiënt. Ziekenhuizen richten zich steeds meer op het individu, waardoor kankerpatiënten een behandeling krijgen die past bij het genetische profiel. Hier kunnen ziekenhuizen met een kankercentrum beter op inspelen. Wel kunnen veel ziekenhuizen hun logistiek verbeteren en meer patiëntgericht organiseren.

Kiezen voor het juiste ziekenhuis

Patiënten kunnen bij de huisarts terecht voor advies over welk ziekenhuis het beste aansluit. 41 Procent van de patiënten doet dit ook daadwerkelijk en overlegt met de huisarts zodra de diagnose gesteld is en voor de start van de behandeling. Daarnaast zijn er patiëntenwijzers, zoals de Monitor Borstkankerzorg, die mensen helpen bij het kiezen van het juiste ziekenhuis.

Meer weten over de ziekte kanker? Ga dan naar het dossier Kanker »