<-- NIET ACTIEF -->

Hoeveel weeg je? Hoeveel stappen heb je vandaag gezet? Hoe is ‘s nachts je hartslag? Het is allemaal te meten. De smartphone peilt zelfs je bloeddruk, slaappatroon en mentale dips. Allemaal om een ongezond patroon in je levensstijl te ontdekken. Hoe nuttig is dat? Maarten den Braber en Peter Joosten, experts in technologische apps en andere toepassingen voor gezond gedrag, leggen het uit.

Wanneer je gezonder wil worden, probeer je ongezonde trekjes uit je leven te bannen. Vaak makkelijker gezegd dan gedaan, want je moet wel weten wat zo ongezond is aan jouw levenspatroon. Bijhouden, of ook wel ‘self tracking’ is het antwoord. “Door meten, krijg je meer zelfkennis, het opstapje naar blijvende gedragsverandering,” vertelt Maarten den Braber. Dagelijks houdt hij zijn stappen bij, geeft talloze lezingen over self tracking en noemt zichzelf de pionier van deze beweging in Nederland. Hij kan dus als geen ander vertellen wat self tracking inhoudt.

Wegen om te weten

“Als je iets van je eigen gezondheid of emotionele toestand consequent bijhoudt, doe je aan self tracking,” vertelt Den Braber. Dit kan op talloze manieren. Analoog op de dagkalender, in een schrift of digitaal op de smartphone of Ipad. Gewicht, beweging, bloedsuiker, hartslag, zuurstof, slaapritme, mentale dips – wat je maar wilt. Vervolgens laten we er ons eigen analyserend oog op los en vragen af: met hoeveel slaap kan ik optimaal werken? Met welke hartslag houd ik sporten het langste vol? Niet alleen technische geïnteresseerden en gezondheidsfreaks doen dat, maar ook jij en ik.

Meten is niet nieuw

Is dit weer een nieuwe gezondheidshype? “Niet echt,” vindt Peter Joosten. Hij test al bijna vijf jaar iedere maand een andere app, schrijft wekelijks op zijn blog Project Leven over het laatste nieuws rondom deze onderwerpen en houdt regelmatig lezingen over self tracking. Zelf meet hij om de gezondste versie, ook wel quantified self genoemd, van zichzelf te worden.

“Meten is van oudsher, maar het meetwerk verschuift wel steeds meer naar de smartphone of tablet. Vroeger schreven we ons gewicht op oude tankbonnetjes, nu voeren we het in onze telefoon. Waarom we meer zijn gaan meten? Het hoort bij de tijdsgeest van nu. Alles willen we meetbaar, maakbaar en controleerbaar hebben. De techniek maakt dat ook gemakkelijker.” En de reden waarom we dit meetwerk niet uit besteden aan de dokter – met kennis van zaken, is simpelweg “we willen onszelf helpen.”

Doel? Bewustwording!

Waarschijnlijk houd jij ook iets uit je dagelijkse leven bij. Al is het om te kijken of je niet aankomt, genoeg slaapt of omdat je je dagelijkse dosis suiker in de hand wil houden. Heel interessante cijfers, maar het is niet de focus van self tracking. Juist wat meten uitlokt, dat je bewust wordt van wat en hoe je iets doet, is het doel. “Zo sta je stil bij je eigen leefstijl en welke keuzes je maakt, om vervolgens de volgende keer een gezondere keuze te maken,” vertelt Den Braber.

Voel je daardoor niet iedere dag het controlerend oog van je smartphone in broekzak prikken? “Je moet er wel zin in hebben,” geeft Den Braber aan. “Uiteindelijk beslis jij of je wat met die gegevens doet. Er is niemand die bepaalt wat jij moet bijhouden of wat jij moet doen met het inzicht. Blijkt dat je structureel te veel eet? Vind je dat vervelend en ga je minderen of accepteer je dat je van lekker en veel eten houdt. Die interne discussie over wat je gaat doen met je bevindingen, is het doel.”

Wie kijkt mee in de app?

Dagelijks invoeren wat je binnenkrijgt, kost tijd, maar beloont je wel met trots en zelfkennis. Aan digitaal meten hangt wel een ‘maar’, want die (soms) intieme gegevens voer je wel in, mét mailadres, naam en leeftijd. Maarten den Braber begrijpt de terughoudendheid, want als je een app installeert op je telefoon, is voor de gebruiker nog onduidelijk waar jij ‘ja’ op zegt. En al helemaal wie je gegevens zien. De zorgverzekeraar, de app-eigenaar, of alleen jij? “Momenteel speelt die discussie. Er zijn nog geen afspraken gemaakt over wie de eigenaar is van de ingevoerde gegevens, jij of de app? Daarom is het belangrijk om ook bewust te zijn wat je van jezelf blootgeeft.”

Self tracken in vijf stappen

Voor wie ook de gezondste versie van zichzelf willen ontdekken, geven Maarten den Braber en Peter Joosten vijf tips. Zo word je een ervaren self tracker.

  1. Stel doel vast. Sta stil bij wat je doel is. Heb je een probleem? Slaap je slecht of lukt het je niet om meer af te vallen? Of ben je gewoon nieuwsgierig?
  2. Bedenk oplossingen. Welke informatie heb jij nodig om je probleem op te lossen? Bekijk alle factoren die meespelen met je probleem. Vind je jezelf te zwaar, dan zou je bijvoorbeeld kunnen meten hoeveel je eet, wanneer en hoeveel je beweegt.
  3. Zoek apps. Zoek op internet, vraag aan vrienden of kennissen welke apps zij gebruiken. Let er wel op dat jijzelf die gegevens kunt opvragen en eventueel kunt bundelen met andere gegevens uit apps.
  4. Analyseer de uitkomsten. Gebundelde gegevens geven betekenis aan één gegeven. Want, waarom liep je zo weinig op dinsdag en at je ook nog te veel suiker? Werkte je thuis? Had je een baaldag? Of was je veel onderweg? Als je die verschillende factoren bijhield, kun je ze naast elkaar leggen en ontdekken waar de crux zit.
  5. Reflecteer. Wat zeggen de gegevens? Jij weet wat er op die dinsdag gebeurde. Kun je achter het antwoord komen? Heb je nog meer informatie nodig? En bedenk vervolgens wat je met dit nieuwe inzicht gaat doen.