Wel of niet in therapie gaan? Volgens psycholoog Martin Appelo hoeven we daar niet over te wikken en wegen. Zestig procent van de Nederlanders gaat namelijk ooit in therapie, maar slechts één op de drie mensen knapt er echt van op. Deze vier redenen om niet in therapie te gaan, zetten je aan het denken.

Er zijn veel mensen met psychiatrische en psychisch gerelateerde klachten die hulp zoeken. De start van een therapeutisch traject kan van levensbelang zijn, denk bijvoorbeeld aan het risico op suïcide of een psychose. Bij veel problemen, zoals eetstoornissen, verslaving, depressie, is therapie vaak noodzakelijk en kan aanpassing van een levensstijl levensreddend zijn. En ondanks dat we dat weten en vinden, schreef psycholoog Martin Appelo een boek met 47 redenen waarom je niet in therapie moet gaan en één reden om het wel te doen. Hij schreef dit boek niet om aan zijn eigen stoelpoten te zagen of zijn beroepsgroep de das om te doen. “Hulpverleners hebben heel vaak last van burn-out en depressie. En die klachten worden veroorzaakt door het trekken aan dode paarden: het werken met mensen die ja zeggen en nee doen of die alle suggesties aan hun laars lappen.
Wie eerst dit boekje leest en pas in therapie gaat als alleen die ene reden geldt, helpt niet alleen zichzelf, maar ook zijn beroepsgroep”, stelt Appelo in zijn boek. Therapie kan helpen als je een innerlijke drang hebt om te veranderen. En dat is precies de reden dat het ook vaak misgaat. Waarom zou je niet in therapie gaan? Deze vier redenen vielen ons op in zijn boek:

1. Tijd heelt alle wonden

“Afname van klachten wordt soms ten onrechte toegeschreven aan een dokter of een therapeut. En een aanzienlijk deel van de klachten waarvoor mensen hulp zoeken, neemt ook af als ze geen hulp zoeken en gewoon nog even wachten. Het oude gezegde dat de tijd alle wonden heelt, is dus misschien niet helemaal waar, maar heeft wel meer betekenis dan we ons vaak realiseren. Misschien lopen we dus te snel naar de dokter of de therapeut. Het is in elk geval iets om over na te denken. Neem ik nog de tijd om mijn wond te laten helen?”

2. Je moet eerst aan je levensstijl werken

“Koffie, alcohol, roken, bewegen, suiker, ademen, timemanagement. De meeste mensen maken daar een potje van. En wanneer ze klachten krijgen, denken ze aan van alles, behalve aan het feit dat ze hun biologie aan het slopen zijn met ongezonde gewoontes. In de psychiatrie noemen we het stepped care. Doe het stapje voor stapje. Eerst je leefstijl op orde brengen en
 dan pas kijken of er dingen zijn om te bespreken. In de volksmond heet het: maak het niet moeilijker dan het is. Ga pas in therapie wanneer jij je leefstijl serieus neemt!”

3. Het leven blijft vervelend

“In therapie leer je meestal om anders tegen dingen aan te kijken. Negatieve gedachten vervangen door positieve gedachten. Irrationele interpretaties vervangen door rationele alternatieven. Van een niet doelgerichte, naar een doelgerichte denkstijl. Laat me niet lachen. Je leert er om je ogen te sluiten voor de werkelijkheid, je wordt er getransformeerd tot een zelfbevredigende struisvogel. Wat mij betreft is therapie niet veel meer dan een cursus zelfbedrog. Je leert je afkeren van de enige echte werkelijkheid: life sucks anyway!”

4. Een echt probleem kent geen dilemma

“Wat zal ik doen? Bij mijn man blijven of bij hem weggaan?’ Iemand die zoiets vraagt, heeft geen probleem maar een dilemma. In therapie zal zo iemand zich besluiteloos tonen en geen knoop doorhakken. Dit komt niet door de ernst van de situatie, maar juist omdat de situatie niet moeilijk genoeg is. Wie de situatie (nog) als een dilemma ziet, heeft (nog) geen echt probleem. Als je zeker weet dat het zo echt niet langer kan en dat er echt iets moet gebeuren, dan heb je een probleem en kan je een therapeut bellen. Als het allemaal best lastig is, maar je kunt het nog wel even aanzien, dan heb je een dilemma en moet je die arme hulpverleners niet lastig vallen met jouw gezeur.”

Twijfel je nog steeds? Martin Appelo geeft in zijn boek nog 43 andere redenen om niet in therapie te gaan en één om wel te gaan.