<-- NIET ACTIEF -->

Iedere dag krijgen mensen met een psychische ziekte te maken met vooroordelen en uitsluiting. Gek, want vier op de tien Nederlanders heeft ooit te maken gehad met een psychisch probleem zoals een depressie, angst of een burn-out. “Mensen zien een psychische ziekte als een zwakte,” zegt de hoogleraar.

 

Taboe: ik ben psychisch ziek

“Zes op de tien Nederlanders die zelf ooit een psychische aandoening had, heeft last van vreemde reacties of vreemde uitlatingen van andere mensen. Ruim een kwart Nederlanders verloor daardoor zelfs vrienden of contact met familieleden,” zegt Sabine van Aken, bestuurslid van SIRE (Stichting Ideële Reclame). Vier op de tien Nederlanders vindt het bijvoorbeeld moeilijk om met een goede bekende over zijn depressie, angst of burn-out te praten. Meer dan de helft gaat het gesprek liever helemaal uit de weg. Van Aken: “Om ongemakkelijke situaties te voorkomen, besluiten veel mensen de situatie te negeren.”

Volgens haar zou psychisch ziek zijn net zo normaal moeten zijn als een gebroken been hebben. “Met een gebroken been weet iedereen wel wat te zeggen. Mensen vragen hoe het met je gaat, of je aan het revalideren bent of ze schrijven een leuke tekst op het gips. Als je een psychische ziekte hebt, blijven deze medelevende reacties vaak uit.” SIRE startte daarom een campagne die psychische aandoeningen bespreekbaar wil maken.

Bang voor iemand met een depressie

“Veel mensen zijn bang verkeerde vragen te stellen of een gevoelig onderwerp aan te snijden”, legt Jaap van Weeghel uit, Hij is hoogleraar Maatschappelijke participatie van psychiatrische patiënten aan de Universiteit van Tilburg. “Ik kan het wel begrijpen dat je zo’n ongemakkelijke situatie het liefst wil vermijden. Het is meestal niet slecht bedoeld, maar het is een soort zelfbescherming.”

Vooroordelen bij depressie, angst of burn-out

“Er zijn ook veel vooroordelen”, stelt Van Weeghel. “Als je een psychische ziekte hebt, zien mensen je vaak als gevaarlijk of onberekenbaar. Anderen zien een psychische ziekte als een zwakte.”

Deze vooroordelen worden volgens hem gevoed door onwetendheid en door de media. “Als je in het nieuws een bericht hoort over een misdrijf, wordt er vaak bij genoemd dat degene die het misdrijf pleegde,  behandeld wordt voor een psychose. Het is dus niet raar dat bij het woord psychose de alarmbellen gaan rinkelen.”

Uit onderzoek blijkt echter dat in zo’n situatie meerdere factoren meespelen. “Psychoses heb je net zoals andere ziektes in verschillende gradaties. In de media worden juist de uitzonderingen benadrukt, waardoor we gaan geloven dat alle mensen met een psychose heel gevaarlijk zijn.”

Uitgesloten na een depressie

Na een depressie of andere psychische aandoening, heeft de reactie van de omgeving grote impact. “Iemand negeren of rare opmerkingen plaatsen; het kan hard aankomen. Veel mensen krijgen een minderwaardigheidscomplex en gaan geloven dat ze inderdaad onbetrouwbaar en oninteressant zijn,” meldt de hoogleraar. “Het grote gevaar is dat mensen zich gaan onttrekken aan de maatschappij. Ze maken geen vrienden meer of stoppen met solliciteren, omdat ze van te voren al denken dat ze worden afgewezen.”

Gelijkwaardige behandeling

Hoe kunnen we dit oplossen? Van Weeghel: “Ga het niet uit de weg en praat erover. Behandel elkaar gelijkwaardig, leg de nadruk op de overeenkomsten die je met elkaar hebt en niet de verschillen. Als je de eerste drempel eenmaal over bent, zal het een stuk gemakkelijker gaan. Uit eerdere onderzoeken blijkt ook dat mensen die veel contact hebben met mensen met een psychische aandoening veel minder vooroordelen hadden.”

Hulp voor contact

Volgens Gerdien Rabbers (Stichting Samen Sterk tegen Stigma) is contact inderdaad essentieel. “Gelijkwaardig contact tussen mensen met en zonder een psychische ziekte werkt het beste om vooroordelen uit de weg te gaan.” SIRE richtte samen met  Stichting Samen Sterk tegen Stigma een hulplijn op voor mensen die zelf geen psychische ziekte hebben (telefoon 0900 – 07 27). Hier kunnen familie, collega’s en vrienden vragen stellen over hoe zij het beste met de situatie kunnen omgaan.

Credits: Dominique de Groot