Hartslag versnelt, handen trillen, het zweet breekt je uit, de vlinders fladderen zenuwachtig in je buik… Zodra we in een stressvolle situatie belanden, schiet ons lichaam in een vecht- of vluchtmodus. Heel slim van ons lijf als we oog-in-oog staan met een beer en moeten rennen voor ons leven. Niet zo goed voor onze weerstand als we dit dagelijks zonder acute reden voelen…

Wat gebeurt er in het lichaam bij stress?

Stress is een normale reactie van het lichaam. Komen we in een noodsituatie – help een beer! – dan verplaatst alle energie zich naar onze spieren en de bloeddruk schiet omhoog. De spijsvertering zetten we even op stand-by (vandaar de vlinders in de buik) en het zweet breekt ons uit om af te kunnen koelen na onze vluchtactie.

Hebben we na een paar minuten de beer nog niet afgeschud? Dan geeft een klier in onze hersenen, genaamd de hypofyse, onze bijnieren de opdracht cortisol te produceren. In de volksmond beter bekend als het ‘het stresshormoon’. Dit stofje laat de bloedsuikerspiegel stijgen en jaagt de stofwisseling aan. Gevolg: er komt een oerkracht vrij die ons sneller dan het licht laat lopen.

Wanneer is stress slecht?

Tegenwoordig staan we niet meer oog-in-oog met een boze beer, maar met een tandartsboor, een presentatie voor een volle zaal of een hoge stapel aan overwerk. Niet handig als je lichaam dan in de vluchtmodus schiet. Want het zijn geen acute noodsituaties en vluchten gaat nogal lastig als je in de tandartsstoel zit…

Hoe vaker we deze reactie activeren, hoe meer energie er verloren gaat en hoe kwetsbaarder ons immuunsysteem kan worden. Want de extra energie komt niet uit de lucht vallen. Als het cortisolniveau chronisch verhoogd is, dan bezuinigt ons lichaam namelijk op het onderhoud van het immuunsysteem. We zijn dan geen makkelijke prooi meer voor een beer, maar voor virussen en infecties. Grote kans dat je hierdoor eerder een griepje of verkoudheid oploopt.