Juist als je ouder wordt, zorgt lichaamsbeweging ervoor dat je de kans op ziektes verlaagt. Zelfs de kans op alzheimer. Wetenschappelijk onderzoek is hoopgevend over de risico verlagende werking van lichaamsbeweging op alzheimer. Hoe verloopt veroudering in je brein? En wat doet beweging?

Wanneer je ouder wordt, word je ook wat vergeetachtiger, langzamer en onhandiger. Dat is ook niet zo gek, want je brein is aan het krimpen. Wat?! Ja echt, je brein wordt kleiner en daardoor nemen bepaalde hersenfuncties af. En helaas betekent het dat het risico op bepaalde hersenziektes stijgt.

1 op de 5 mensen in Nederland krijgt dementie, en bij vrouwen is dat zelfs 1 op 3 door de hogere levensverwachting van vrouwen. De ziekte van Alzheimer is een vorm van dementie, 7 op de 10 gevallen van dementie betreft alzheimer.

Hoe veroudert het brein?

We worden trager als we ouder worden, omdat ons brein langzamer wordt. Zenuwcellen worden kleiner en zowel de doorbloeding als het energie metabolisme (glucose) van het brein nemen af. In gezonde ouderen betekent dit dat het brein dus wat kleiner wordt en daardoor nemen bepaalde cognitieve functies af. Dit proces kan echter vertraagd worden door regelmatig te bewegen.

Vitaal ouder worden

Het bewijs dat fysiek fit blijven je brein gezond houdt op je oude dag is overtuigend. De meest concrete link is tussen een goede conditie en behoud van cognitie. Daarvoor hoef je ook helemaal niet zwaar te sporten: driemaal in de week een flinke wandeling maken kan helpen om de normale veroudering te vertragen en het risico op dementie verminderen.

Regelmatige lichaamsbeweging heeft een preventief effect op de gezondheid van het brein, en de cognitieve functies van ouderen. Een onderzoek in West-Europa – waar Nederland ook aan meedeed – volgde mensen over een periode van 10 jaar. De mensen die minder gingen bewegen hadden een grotere cognitieve afname dan mensen die hun lichaamsbeweging op peil hielden.

Helpt lichaamsbeweging tegen alzheimer?

Een meta-analyse in 2009 concludeerde dat lichaamsbeweging het risico op alzheimer met 45 procent verlaagde. Een onderzoek vond dat wereldwijd 1 op 8 gevallen van alzheimer te wijden is aan fysieke inactiviteit. Daarom wordt lichaamsbeweging als een klinisch relevante optie gezien voor de preventie van alzheimer.

Waarom lichaamsbeweging zo’n preventief effect heeft voor alzheimer is nog onbekend.

  • Sport zou de schadelijke effecten van oxidatieve stress verminderen, evenals totale cholesterol en insuline resistentie, en zou de doorbloeding en het glucose metabolisme van het brein verhogen.
  • Sport activeert neurotrofines en de aanmaak van nieuwe bloedvaten, en faciliteert daardoor de aanmaak van nieuwe zenuwcellen, waardoor geheugen en cognitieve functies verbeteren.
  • Sport vermindert de concentratie van eiwitplaques, vooral in het hersengebied betrokken bij geheugen. Sport heeft ook een gunstig effect op de afbraak van neurofibrillairen, vezels die ineengestrengeld raken tot knopen bij alzheimer.

De huidige kennis laat zien dat sport cruciaal is voor behoud of vertraging van cognitieve achteruitgang van alzheimer patiënten. Er is echter nog onvoldoende informatie voor een precieze definitie van het beste sportregime voor deze groep mensen. Cardiotraining wordt geadviseerd te combineren met krachttraining, balans- en coördinatieoefeningen.

Echter, niet alle mensen met alzheimer zouden erop vooruitgaan met meer lichaamsbeweging. Cardiovasculaire risicofactoren moeten daarvoor in kaart gebracht worden, stellen bijvoorbeeld Swaab en Scherder in een publicatie uit 2006. Deze factoren zouden namelijk het positieve effect van bewegen op cognitie verzwakken of zelfs teniet doen.