Na enkele maanden fanatiek sporten slaat het opeens toe: de dip. Langzaam verandert je lidmaatschap van de sportschool in een donateurschap. Je rekeningafschrift herinnert je eraan dat je nu alwéér een tijd niet bent geweest. Hoe kan dat fanatisme opeens verdwijnen?

Te druk, geen zin, te moe. Of misschien praat je het al niet eens meer goed en leg je jezelf erbij neer. Actief leven gaat wel, maar écht sporten? Pijnlijk om toe te geven, maar op de één of andere manier lukt het je gewoon niet om dit consequent maandenlang vol te houden. Niet getreurd, het komt veel voor. Toch herkent niet iedereen zich hierin. Sportpsycholoog en bewegingswetenschapper Frank Bakker legt uit waarom. “Laten we kijken waarom anderen wél blijven sporten. De redenen hiervoor zijn op te delen in vier groepen. Komt jouw reden om te sporten uit één groep, dan is je motivatie kwetsbaar. Als die reden wegvalt, stop je dus. Mensen die blijven sporten halen hun beweegredenen vaak uit drie of vier groepen.”

Beweegreden 1: gezondheid

“Gezondheid is voor velen een beweegreden: om af te vallen of gezond bezig te zijn. Velen hebben echter verkeerde verwachtingen, waardoor je ook makkelijk teleurgesteld wordt. Als ongenuanceerde vuistregel geldt namelijk dat je 125 kilometer te voet moet afleggen om één kilogram af te vallen. Dat betekent een maand lang elke dag een uur wandelen, voor een resultaat dat niet echt spectaculair is. Tel daarbij op dat je jezelf nog wel eens beloont omdat je zo lekker bezig bent; het resultaat zal flink tegenvallen. Wanneer dit je enige beweegreden is en je resultaat valt tegen, dan heb je dus geen beweegreden meer over.”

Beweegreden 2: intrinsieke waarde

En wat doe je als je inderdaad wilt afvallen? “De intrinsieke waarde van het sporten is waarschijnlijk de belangrijkste beweegreden”, legt Bakker uit. “Je ‘moet’ echt plezier hebben in sporten, want als het leuk is ga je ernaartoe. Probeer je dus ook primair te richten op een leuke ervaring, niet op de externe effecten zoals afvallen. Je hoeft dan ook niet bang te zijn dat je weer snel stopt.”

Beweegreden 3: competent voelen

“Je competent voelen is een fundamentele behoefte: het gevoel hebben dat je wat kan. Als je merkt dat je beter bent geworden in serveren bij tennis of een bal met effect kan slaan. Beter worden in een sport maakt het leuk.” Voor jezelf kleine doelen stellen kan hierbij helpen, omdat je dan meetbaar resultaat ziet.

Beweegreden 4: sociale contacten

“De sociale contacten zorgen vaak ook nog voor een stimulering om te gaan. Je wilt de ander niet teleurstellen wanneer jij afzegt, dus ga je toch. Wil je jezelf wat extra kans geven, vraag dan om stimulering uit je omgeving. Wanneer je eigenlijk geen zin hebt en je partner je wel aanmoedigt, kan dat zeker helpen.”

Sportief kun je worden!

Sportief leven heeft uiteindelijk ook niet zoveel te maken met aanleg. Bakker: “Natuurlijk leef je misschien wat makkelijker sportief als je als kind al hebt geleerd dat sporten leuk is. Als kind geef je sporten een plek, je vindt het de moeite waard. Daarom is het belangrijk dat kinderen vroeg leren dat sporten leuk is. Toch kun je ook heel sportief worden zonder die achtergrond.”

Dé tip? Volgens Bakker is de intrinsieke waarde het belangrijkste, zoek een sport die je echt leuk vindt. Je blijft bewegen wanneer je motivatie uit meerdere beweegredenen komt. Wordt de ene beweegreden wat wankel (bijvoorbeeld tegenvallende resultaten), dan heb je nog steeds goede, andere redenen om door te gaan.

Tekst: Jeanine Bakker