<-- NIET ACTIEF -->

Elke winter aan het kwakkelen? En eet je wel fruit en groente, maar blijf je toch maar slap? Denk dan ook eens aan schüsslerzouten. Deze zouten stimuleren de weerstand op celniveau. Het geeft je weerstand een goed fundament.

Zout heeft misschien niet zo’n beste naam, maar niet bij de arts Wilhelm Heinrich Schüssler. Hij ontwikkelde de receptuur voor de twaalf celzouten; homeopathisch verdunde zouten die elk afzonderlijk passen bij bepaalde ziektebeelden en de bijbehorende symptomen. Inmiddels maken veel natuurartsen en therapeuten gebruik van ‘zijn’ schüsslerzouten. Bijvoorbeeld voor die typische najaars- en winterkwalen. Het grote voordeel is dat de celzouten geschikt zijn voor zelfmedicatie omdat ze geen bijwerkingen kennen.

Najaarsweerstand …

Een goed weerstandzout is schüsslerzout nr. 10 (Natrium sulfuricum D6). Een ‘celzout’ met een ontslakkende werking en reinigend voor de cellen. Het verbetert de werking van de lichaamseigen afweercellen. Hierdoor kan het lichaam zich beter verdedigen tegen alle najaarsaanvallen.

Tegen vocht en kou

Vochtig en koud herfstweer lijkt altijd weer samen te gaan met blaasontstekingen, keelpijn
(opgezette amandelen!) en natuurlijk jicht en reumatische klachten. Duidelijk meer klachten als het vochtig en koud is? Dan is Schüsslerzout nr. 9 (Natrium phosphoricum D6) het aangewezen ‘herfstmiddel’.

Geen druppende neus

Een verkoudheid kan zich soms uitbreiden over je hele lichaam. Je hele lichaam voelt ‘slecht’. Op het moment dat de neus begint te lopen en de algemene toestand verslechtert, is het goed Schüsslerzout nr. 3 (Ferrum phosphoricum D12) te nemen. Het maximale effect wordt behaald door maximaal twee uur lang elk kwartier een tablet te nemen. De ‘loopneus’ is vrij snel over en dan kan de dosering omlaag naar één tablet per twee à drie uur.

Bij hoest

Bij hoest is het belangrijk goed op de symptomen te letten, want afhankelijk van die symptomen moet worden gekozen uit vijf verschillende Schüsslerzouten: nr. 2, nr. 6, nr. 8, nr.10 of nr.11.

  • Bij een blaffende hoest: Schüsslerzout nr. 2 (Calcium phosphoricum D6);
  • Bij hoest die vooral ´s avonds erger wordt: Schüsslerzout nr. 6 (Kalium sulfuricum D6).

Geeft dit Schüsslerzout wel enige verbetering, maar verdwijnt de hoest niet volledig? Dan kan Schüsslerzout nr.10 (Natrium sulfuricum D6) de genezing afronden. Dit laatste is vooral vaak het geval bij astma en bij chronische bronchitis.

  • Bij kriebelhoest die door praten en drinken erger wordt: Schüsslerzout nr. 11 (Silicea D12);
  • Bij droge hoest: Schüsslerzout nr. 8 (Natrium chloratum D6).

Ontstoken holtes

Nóg zo’n najaars- en winterklassieker: bijholteontstekingen. Als het slijm in de bijholten of voorhoofdsholten niet weg kan, ontstaat al snel die beruchte drukkende pijn. Alsof de hele schedel op springen staat… In zo´n geval is Schüsslerzout nr. 4 (Kalium muriaticum D6) het aangewezen middel; het maakt het taaie slijm weer vloeibaar dat daardoor kan wegvloeien. De druk en pijn verdwijnen snel…

Als het gaat ontsteken

Een flinke verkoudheid kan uitmonden in een nare keelontsteking of bronchitis-achtige klachten. Zo’n ontsteking verloopt volgens de visie van Schüssler in drie stappen. Voorkomen dat de verkoudheid van kwaad tot erger wordt? Volg deze stappen:

In het eerste ontstekingsstadium zijn de slijmvliezen van neus en keel al wat opgezwollen maar is de tong nog schoon (er is geen ‘beslag’). Schüsslerzout nr. 3 (Ferrum phosphoricum D12) wordt in dit geval aanbevolen.

Als het lichaam een verdere uitbreiding van de ontsteking niet heeft kunnen voorkomen, is er sprake van een witte, grauw-witte of slijmerig-witte afscheiding in de keel. De amandelen of bronchiën kunnen ontstoken zijn. Neem in dit stadium Schüsslerzout nr. 4 (Kalium muriaticum D6) in.

Als de tong een ‘geel’ beslag krijgt en er geel en slijmerig uitziet, wordt geadviseerd Schüsslerzout nr. 6 (Kalium sulfuricum D6) te gebruiken.

Maar hoeveel? En waar?

Wie de Schüsslerzouten wil gebruiken, kan om de twee uur één of twee tabletten innemen. Bij acute klachten is dat iets meer: om het kwartier één of twee tabletten (maximaal twee uur). Bij chronische klachten tot slot luidt het advies drie tot zes keer per dag één tot twee tabletten te nemen. De zouten kunnen het best een half uur voor de maaltijd worden ingenomen door een tablet onder de tong te laten smelten en daarna door te slikken.