<-- NIET ACTIEF -->

Winkels liggen propvol voedingsmiddelen. Het een ziet er nog lekkerder uit dan het ander. Door dit enorme aanbod is het niet zo simpel te kiezen. De volgende tips helpen slim en slank in te kopen.

  • Maak een boodschappenlijstje en koop alleen wat hier op staat. Zo voorkom je dat er (calorierijke) producten in je winkelwagentje belanden die je helemaal niet nodig hebt. Op die manier kun je zowel calorieën als geld besparen. Als je geen verleidingen (snoep) in huis haalt, kun je.ook niet in de verleiding komen.
  • Doe geen boodschappen met een rammelende maag. Jekoopt dan snel meer dan je nodig hebt. Trek? Eet eerst wat gezonds, zoals een flinke vrucht of een lekkere cracker met beleg.
  • Koop bij voorkeur verse groenten en vruchten van het seizoen. Deze komen van de volle grond en bevatten meer vitamines en mineralen dan groenten en fruit uit de kas. Reken minimaal 200 gram groenten per persoon.
  • Geen tijd om verse groente te koken? Kies dan voor diepvriesgroenten. Bij de moderne bereidingsmethoden gaan betrekkelijk weinig vitamines verloren. Kijk wel even op het etiket hoeveel vet het bevat. Aan sommige diepvriesgroenten wordt (kruiden)boter of room toegevoegd. Zo bevat spinazie à la crème vijf keer zoveel calorieën als gewone diepvriesspinazie.
  • Groenten uit pot en blik zijn ook een goed alternatief voor vers. Wel wordt er soms zout en suiker of andere stoffen aan toegevoegd. Lees hiervoor het etiket.
  • Kies halfvolle of magere zuivelproducten (melk, yoghurt) en 20+- of 30+-kaas in plaats van de volvette of roomsoorten.
  • Koop vis of mager vlees zonder paneerlaagje. Tijdens het bakken werkt het paneerlaagje als een spons: het zuigt het bakvet op waardoor gepaneerd vlees erg vet is. Hetzelfde geldt voor gepaneerde vleesvervangers.
  • Kies slanke sauzen zoals (tomaten)sauzen, ketchup, zoete chilisaus, salsasaus of andere rode sauzen. Of neem saus uit een pakje (kerrie, vissaus) welke met water of magere melk kan worden bereid. Laat de room en andere vette sauzen staan.
  • Let op verborgen vetten en suikers. Deze zie je niet, maar zitten er wel in. Denk aan bladerdeeg en croissants (botervet), worst en paté (spekvet), gebak en roomijs (vet en suiker), koek en chocolade (vet en suiker). De beste manier erachter te komen hoeveel vet en suiker een product bevat is: etiket lezen.