Ongemerkt zijn we door de jaren heen verslaafd geworden aan de ‘kroonjuwelen’ van de voedingsindustrie: suiker, zout en vet. Niet alleen jij, maar ook voedingsbedrijven kunnen niet meer zonder. Hoe is dat gekomen? Onderzoeksjournalist van de New York Times Michael Moss zocht het uit en gezondNU sprak hem. Vier heldere inzichten over zout, suiker en vet in ons eten.

Dat wij én de voedingsindustrie niet meer zonder zout, suiker en vet kunnen, ontdekte de Amerikaanse onderzoeksjournalist Michael Moss per ongeluk. Destijds schreef hij voor de New York Times een artikel over besmet hamburgervlees waar honderden mensen ziek van werden. Een danslerares raakte zelfs blijvend verlamd. Moss: “Eén van mijn bronnen in de voedingsindustrie zei: ‘Hoe verschrikkelijk de gevolgen van de E. coli-bacterie ook zijn, ze kwam per ongeluk in het vlees. Je wilt niet weten welke stoffen er expres in ons eten verdwijnen.” Zo kwam Moss uit bij suiker, vet en zout, de smaakmakers van onze voeding en ook wel de ‘kroonjuwelen’ van de voedingsindustrie genoemd. Michael Moss schreef er het boek Salt Sugar Fat over. Vier inzichten van Michael Moss:

1. Suiker, vet en zout verleiden jou

Toen suiker, zout en vet in de prehistorie schaars waren, werden we genetisch voorgeprogrammeerd om van deze stoffen te houden. Het voelt goed en we willen er méér van. Maar dit beloningssysteem is niet meer nodig nu we altijd suiker, vet en zout in onze omgeving hebben. Moss: “Het probleem is dat ons lichaam geen tijd heeft gehad om zich aan te passen. De industrie doet er ook alles aan om te ontdekken hoe ons brein werkt. Het is vaak interessante informatie: zo blijkt uit onderzoek dat onze hersenen hetzelfde reageren op suiker als op cocaïne, en dat onze hersenen bij een bepaalde verhouding suiker en vet geen signaal doorkrijgen van hoeveel calorieën je eet. Eén handje chips werkt daarom niet, de zak gaat helemaal leeg.”

2. Ook voedingsbedrijven zijn verslaafd

“Ik kijk ervan op dat de industrie niet alleen ons, maar ook zichzelf verslaafd heeft gemaakt aan suiker, zout en vet”, vertelt Moss. Het zijn wapens geworden om concurrenten te verslaan, ons te verleiden tot meer eten en opnieuw het product te kopen, en om voor steeds goedkopere producten te zorgen. Betaalbaar suiker vervangt bijvoorbeeld kostbare tomaten in ketchup. Moss: “Ook vetten zijn onmisbaar. Ze zijn goedkoop, verlengen de houdbaarheidsdatum, bieden een beter mondgevoel en zorgen ervoor dat mensen meer eten. En zout, even goedkoop als water, beschikt over wonderbaarlijke krachten om te verleiden.”

3. Gezondere producten? Nee, geld verdienen!

Proberen voedingsbedrijven niet minder suiker, vet en zout te gebruiken? “Jawel”, antwoordt Moss. “Voedingsbedrijven probeerden producten gezonder te maken, maar werden teruggefloten door aandeelhouders. Uiteindelijk gaat het ook om geld.” Is er een weg terug? Daar is Moss pessimistisch over. “Er staat te veel op het spel. Ook ben ik niet hoopvol gestemd over overheidsingrijpen. Althans, niet in Amerika. Er spelen te veel en te grote belangen. Wel denk ik dat de overheid een grotere rol kan spelen in de voedselmarketing, zeker bij kindermarketing. Daar valt een wereld te winnen.”

4. Zeg ‘nee’ tegen suiker, vet en zout

“Wanneer je dit weet, is het veel gemakkelijker om in de supermarkt gezondere keuzes te maken”, geeft Moss aan. Kies geen pastasaus uit een pot, maar maak hem zelf met tomaten, ui, kruiden en een snufje zout. “En”, vult hij aan, “het is een feit dat wij degenen zijn die beslissen of we een product wel of niet kopen. Misschien dat dat bewustzijn op termijn ook de voedingsbedrijven dwingt om gezondere producten op de markt te brengen.”