Gezond eten begint vaak met het etiket lezen. Maar wat als die verpakking slimmer in elkaar zit dan jij denkt? Fabrikanten gebruiken handige trucjes om producten gezonder te laten lijken dan ze zijn. Bijvoorbeeld met ‘light’-claims, piepkleine portiegroottes en verleidelijke plaatjes van fruit die nauwelijks in het product zitten. We leggen je uit hoe je beter door verpakkingen heen prikt, zodat je weet wat je echt eet.
Is ‘light’ wel zo licht?
Het klinkt gezond: een product met ‘light’ op het etiket. Minder vet, suiker of zout, dat wil je toch? Maar schijn bedriegt. Volgens de regels mag iets ‘light’ heten als het minstens 30% minder van één van die stoffen bevat dan het originele product. Klinkt goed, maar dat betekent niet automatisch dat het ook beter voor je is.
Soms verdwijnt het vet, maar wordt er suiker toegevoegd om de smaak op peil te houden. Of zit er ineens een lange lijst aan verdikkingsmiddelen in. Het resultaat: een product dat misschien wel minder calorieën bevat, maar niet per se voedzamer of gezonder is.
De enige manier om het echt goed te beoordelen? Even de etiketten naast elkaar leggen, van de light-versie en het origineel. Dan zie je pas echt wat er wel of niet in zit.
Portiegroottes
De voedingswaarden op het etiket lijken soms geruststellend. Maar hier kun je beter even opletten. Ze zijn namelijk vaak gebaseerd op een portiegrootte die de fabrikant zelf bepaalt, en die is meestal kleiner dan wat we in werkelijkheid eten. Een bakje yoghurt lijkt misschien licht en gezond, totdat je ziet dat de cijfers gelden voor slechts een paar eetlepels. Of dat lekkere koekje? De opgegeven voedingswaarden zijn soms per halve portie.
Het gevolg: je krijgt ongemerkt meer suiker, vet en calorieën binnen dan je denkt. Wil je echt weten wat je eet? Kijk dan niet alleen naar de voedingswaarde per portie, maar reken ook even door wat je daadwerkelijk binnenkrijgt als je de hele verpakking leeg eet. Zo houd je betere grip op je gezondheid, en voorkom je dat je jezelf voor de gek houdt. Soms helaas onbewust.
Verstoppen van ingrediënten op de ingrediëntenlijst
Suiker op een etiket herkennen is lastiger dan je denkt. Want het staat er maar zelden letterlijk zo. In plaats daarvan kom je namen tegen als glucose, fructose, dextrose, honing, ahornsiroop of kandij. In totaal zijn er meer dan vijftig schuilnamen voor suiker, en dat maakt etiketten lezen behoorlijk ingewikkeld.
Toch is het goed om je ogen open te houden. Hoe vaker en hoger één van die namen op de ingrediëntenlijst staat, hoe meer suiker er in het product zit. Zelfs in producten waarvan je het niet verwacht, zoals soep, sauzen of ontbijtgranen. Als je op een verpakking ziet:
Ingrediënten: volkoren tarwemeel, glucose-fructosestroop, suiker, honing, zout.... dan weet je: er zitten meerdere soorten suikers in, én ze staan vrij hoog op de lijst. Ook al staat er op de voorkant misschien iets als 'bron van vezels' of 'natuurlijk gezoet'.
Zit er echt aardbei in aardbeienyoghurt?
Zou wel logisch zijn toch? Maar laat je vooral niet misleiden door de verpakking. Fabrikanten zetten graag verleidelijke plaatjes op hun producten, denk aan sappige aardbeien op een potje yoghurt of een handjevol bosbessen op een ontbijtreep. Maar als je de ingrediëntenlijst goed bekijkt, blijkt die 'vruchtenboost' vaak tegen te vallen. Soms komt de smaak vooral van aroma’s of zit er slechts een hele kleine hoeveelheid echt fruit in.
Een aardbei op de verpakking betekent dus niet automatisch veel aardbei in het product. Wil je weten wat je echt eet? Sla de voorkant over en kijk op de achterkant, daar vind je de echte inhoud.
Dus... laat je niet gek maken door fabrikanten. Ze proberen er alles aan te doen om je te misleiden en jou laten denken goed bezig te zijn. Gelukkig prikken we daar voortaan doorheen. Want goed bezig zijn begint niet met een gelikte verpakking, maar met weten wat je eet.
- Diabetesfonds, CN supplements,
- Canva