Vlees. De één kan er niet zonder, de ander mijdt het liever. Feit blijft dat we in Nederland nog steeds regelmatig vlees op tafel zetten. Maar steeds vaker klinkt de vraag: hoe gezond is vlees eigenlijk? Het bevat namelijk waardevolle voedingsstoffen zoals eiwitten, ijzer, zink en vitamine B12, maar er zijn ook zorgen over cholesterol, hart- en vaatziekten en kanker. Tijd dus om uit te zoeken: wat is nu écht het gezondste stukje vlees?
Vlees is niet zwart-wit gezond of ongezond
Het is verleidelijk om vlees in te delen in twee kampen: gezond of ongezond. Toch ligt het wel wat genuanceerder dan dat. Vlees levert essentiële voedingsstoffen die moeilijk ergens anders in dezelfde hoeveelheden te vinden zijn, zoals vitamine B12. Maar sommige soorten bevatten ook veel verzadigd vet en heemijzer, die juist een risico kunnen zijn voor je gezondheid. De kunst zit ‘m dus niet in óf je vlees eet, maar in wat en hoeveel vlees.
Kip en kalkoen: de slankste keuze
Als er één soort vlees bekendstaat als 'gezond', dan is het wel kipfilet. Mager, eiwitrijk en laag in verzadigd vet. Het is niet voor niets populair bij sporters en mensen die op hun cholesterol letten. Kalkoenfilet heeft een vergelijkbaar profiel en is net zo’n slimme keuze. Wit vlees geeft je veel eiwitten zonder dat je bloedvetten er meteen van omhoogschieten.
Rood vlees: voedingsrijk, maar niet zonder risico’s
Rood vlees, denk aan rund, varken, schaap en lam, bevat belangrijke stoffen zoals ijzer en vitamine B12. Zeker mager rundvlees, zoals biefstuk of tartaar, kan bijdragen aan je energie en bloedaanmaak. Maar er is ook een keerzijde. Rood vlees bevat vaak meer verzadigd vet en heemijzer. Dat laatste kan de darmwand beschadigen en de aanmaak van schadelijke stoffen versnellen, wat weer in verband wordt gebracht met darmkanker. Het advies is daarom: rood vlees kan, maar kies mager en eet het met mate.
Varkensvlees: beter dan zijn reputatie
Varkensvlees heeft een wat twijfelachtige reputatie, maar dat is niet altijd terecht. Onbewerkt varkensvlees, zoals varkenshaas of fricandeau, is verrassend mager en bevat zelfs minder vet dan sommige stukken rundvlees. Het levert bovendien veel vitamine B1, belangrijk voor je stofwisseling. De ongezonde kant van varkensvlees zit vooral in de bewerkte varianten: spek, worst en ham. Die horen echt in de categorie ‘minder gezond’.
Wild en lamsvlees: speciale gevallen
Wild, zoals hert of ree, is meestal mager en rijk aan mineralen. Lamsvlees daarentegen bevat vaak meer vet, maar levert wel zink en ijzer. Af en toe een stukje kan prima, zolang je het niet te vaak op het menu zet.
Bewerkt vlees: dit kun je beter vermijden
Worst, salami, bacon, knakworstjes, allemaal bewerkt vlees en dit is duidelijk echt de minst gezonde keuze. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ziet een link tussen bewerkt vlees en een verhoogd risico op kanker. Bovendien bevatten deze producten vaak veel zout en ongezonde vetten. Lekker voor af en toe, maar niet iets om standaard in je winkelmand te leggen.
Hoeveel vlees is wel gezond?
Volgens het Voedingscentrum is het advies: eet niet meer dan 500 gram vlees per week, waarvan maximaal 300 gram rood vlees. Dit gaat om bereid gewicht, dus inclusief je plakje ham op brood. Zo profiteer je van de voordelen zonder dat de nadelen te groot worden.
Oké, maar wat is nu het gezondste stuk vlees?
Het allergezondste stuk vlees bestaat niet, maar er zijn wel gezondere keuzes. Mager, onbewerkt vlees komt als beste uit de bus: kipfilet, kalkoen, varkenshaas en magere biefstuk. Deze leveren veel voedingsstoffen zonder dat je cholesterol of darmen er onnodig onder lijden. Bewerkte vleessoorten en vet rood vlees kun je beter laten liggen.
Een stukje vlees kan dus prima in een gezond eetpatroon, zolang je varieert, het met mate eet en combineert met veel groente, peulvruchten en granen. Uiteindelijk draait gezondheid niet om één stukje vlees, maar om het geheel van wat er op je bord ligt.
- Voedingscentrum
- Canva