Het lijkt misschien logisch dat een uur achter elkaar wandelen meer oplevert. Je bent immers langer aaneengesloten actief. Tegelijkertijd is er steeds meer aandacht voor het onderbreken van lange periodes van zitten. En juist daar kunnen korte wandelingen een voordeel hebben.
Ook rondom maaltijden kan het moment waarop je wandelt verschil maken. Een kort ommetje na het eten heeft bijvoorbeeld invloed op de stijging van je bloedsuikerspiegel. Maar een langere wandeling geeft je lichaam weer een langere trainingsprikkel.
Dus wat is nu écht beter? Dat hangt af van wat je met wandelen wilt bereiken. Voor je totale hoeveelheid beweging kunnen korte wandelingen prima meetellen, terwijl een langere wandeling andere voordelen heeft. En in sommige situaties is juist een kort rondje de slimste keuze.
Meerdere korte wandelingen: beter tegen veel zitten?
Als je een groot deel van de dag zittend doorbrengt, hebben meerdere korte wandelingen een duidelijk voordeel: je onderbreekt het zitten. Stel dat je acht uur achter een bureau zit en 's avonds een uur wandelt. Die wandeling is absoluut goed voor je, maar je hebt daarmee niet voorkomen dat je overdag langdurig hebt gezeten. Door verspreid over de dag regelmatig even op te staan en te lopen, breng je daar verandering in. Een blokje om tijdens de lunch, even lopend koffie halen of een telefoontje wandelend voeren: het zijn kleine momenten, maar samen zorgen ze voor meer beweging gedurende de dag.
Wil je vooral voorkomen dat je uren achter elkaar stilzit? Dan zijn meerdere korte wandelingen waarschijnlijk de betere keuze.
Een korte wandeling na het eten heeft nóg een voordeel
Er is nog een moment waarop een korte wandeling interessant kan zijn: na een maaltijd. Onderzoek laat zien dat bewegen kort na het eten de stijging van de bloedsuikerspiegel kan afremmen. Vooral wandelen na een maaltijd blijkt daarvoor effectief. Je hoeft daarvoor geen lange wandeling te maken; ook een kort ommetje kan al effect hebben. Dat maakt een wandeling van bijvoorbeeld tien minuten na het avondeten een eenvoudige gewoonte. Je hoeft er geen extra uur voor vrij te maken en krijgt toch wat beweging mee.
Wanneer is een lange wandeling beter?
Wil je vooral werken aan je conditie? Dan heeft een langere wandeling weer voordelen. Tijdens een wandeling van bijvoorbeeld 30 tot 60 minuten ben je langere tijd achter elkaar actief. Wandel je bovendien stevig door, dan krijgen je hart en longen gedurende langere tijd een trainingsprikkel.
Een lange wandeling is ook simpelweg een handige manier om veel beweging in één keer te verzamelen. Als je 's avonds een uur wandelt, hoef je niet de hele dag op zoek naar kleine momenten om aan je beweging te komen. Voor conditieopbouw en een langere, aaneengesloten inspanning heeft één langere wandeling dus een voordeel.
En wat als je gewoon meer wilt bewegen?
Dan zijn beide opties prima. De Wereldgezondheidsorganisatie adviseert volwassenen om wekelijks 150 tot 300 minuten matig intensief te bewegen, zoals stevig wandelen. Die beweging hoeft niet in lange blokken te worden uitgevoerd. Onderzoek laat bovendien zien dat zowel het totale aantal stappen als stappen die in langere wandelblokken worden gezet, verband houden met gezondheidsvoordelen. Korte wandelingen kunnen dus gewoon meetellen.
En misschien nog belangrijker: als korte wandelingen beter in je dagelijks leven passen, is de kans groter dat je ze daadwerkelijk volhoudt.
Dus: wat is beter?
Als je één winnaar wilt aanwijzen, is dat lastig. Een lange wandeling is niet automatisch beter dan drie korte wandelingen, maar andersom geldt hetzelfde. Wil je vooral langdurig zitten onderbreken en wat extra bewegen na maaltijden? Dan zijn meerdere korte wandelingen een slimme keuze. Wil je langer achter elkaar actief zijn en je conditie trainen? Dan heeft een langere wandeling meer voordelen.
De ideale combinatie? Een langere wandeling als het lukt, aangevuld met korte ommetjes verspreid over de dag. Zo profiteer je van beide: je krijgt een langere trainingsprikkel én voorkomt dat je de rest van de dag vrijwel onafgebroken zit.
Maar als je moet kiezen tussen een wandeling van tien minuten en helemaal niet wandelen, is de keuze een stuk eenvoudiger. Ga lekker tien minuten naar buiten.