Waarom investeren in vrouwengezondheid nú nodig is

Vrouwen krijgen nog te vaak een verkeerde of late diagnose. Investeren in vrouwengezondheid redt daarom niet alleen levens, maar bespaart ook zorgkosten.

Waarom investeren in vrouwengezondheid nú nodig is

Van hart- en vaatziekten tot chronische pijn: vrouwen krijgen vaker later of verkeerde diagnoses dan mannen. Niet omdat hun klachten minder ernstig zijn, maar omdat de zorg in 2025 nog altijd vooral is ingericht op het mannenlichaam.

Het gevolg? Vrouwen lopen jarenlang rond met pijn en vermoeidheid, raken uitgeput of vallen uit op hun werk – terwijl een tijdige diagnose veel leed had kunnen voorkomen.

Zo wachten vrouwen met endometriose gemiddeld zeven tot tien jaar op een juiste diagnose. Bij de ziekte van Bechterew duurt het gemiddeld vijf jaar langer dan bij mannen. En ook hartklachten bij vrouwen worden vaker gemist, simpelweg omdat de symptomen bij hen anders zijn.

Waarom kennis over het vrouwenlichaam achterloopt

Die ongelijkheid begint al bij de basis. Jarenlang werd medisch onderzoek vooral gedaan op het mannelijk lichaam. Vrouwen werden gezien als te ‘complex’ door hun hormoonschommelingen en werden daardoor vaak uitgesloten van studies.

Dat kennisgat zie je nu nog steeds terug in de spreekkamer. Klachten van vrouwen worden vaker als psychisch bestempeld, terwijl er soms een duidelijke lichamelijke oorzaak is. Zoals bij Antoinetta, die jarenlang met vage klachten rondliep en uiteindelijk een tumor bleek te hebben op haar hypofyse, zo vertelde ze in de Volkskrant – iets wat met een simpele bloedtest veel eerder ontdekt had kunnen worden.

Als artsen hun klachten wél serieus nemen, komen vrouwen vaak pas na jaren van doorverwijzingen op de juiste plek terecht. Dat is frustrerend, vermoeiend en kan grote gevolgen hebben voor hun dagelijks leven.

De gevolgen zijn groot – ook voor de samenleving

Die achterstand in de zorg raakt niet alleen vrouwen zelf, maar ook de samenleving. In de zorgsector bijvoorbeeld, waar het merendeel van de werknemers vrouw is, komt 10 procent van het ziekteverzuim door cyclusstoornissen. Elk jaar vallen er bovendien zo’n 30.000 vrouwen uit door overgangsklachten.

Dat zorgt voor hoge kosten en verergert het personeelstekort in de zorg, wat er natuurlijk al was. Volgens schattingen kan investeren in vrouwengezondheid de samenleving jaarlijks zo’n 7,6 miljard euro opleveren, doordat vrouwen sneller passende zorg krijgen en minder lang ziek zijn.

Nieuwe strategie moet achterstand doorbreken

Goed nieuws gelukkig, want om die ongelijkheid aan te pakken, lanceerde het ministerie van Volksgezondheid onlangs de Nationale Strategie Vrouwengezondheid 2025-2030.

Het doel is duidelijk: de zorg voor vrouwen structureel verbeteren, met meer kennis over vrouwspecifieke aandoeningen zoals de overgang en cyclusstoornissen, en over vrouwsensitieve aandoeningen zoals hart- en vaatziekten en migraine, die zich bij vrouwen anders uiten dan bij mannen.

Hiervoor is 27,5 miljoen euro vrijgemaakt, waarvan ruim de helft naar onderzoek gaat. Ook komt er een landelijk netwerk van artsen, onderzoekers en patiëntenorganisaties en een publiek platform met betrouwbare informatie over vrouwengezondheid.

Artsen en vrouwenorganisaties vinden dit een goede eerste stap, maar benadrukken dat er vooral blijvende en concrete aandacht nodig is. Niet alleen in woorden, maar ook in daden.

Tijd om de achterstand in te halen

Het is hoog tijd dat de gezondheidszorg vrouwen niet langer behandelt als kleine mannen met alleen wat andere hormonen. Ons lichaam werkt anders, reageert anders op medicijnen en vraagt om andere zorg.

Investeren in vrouwengezondheid is geen luxe, maar noodzaak: het betekent minder pijn, minder uitval, minder kosten maar vooral: vrouwen die zich eindelijk serieus genomen voelen.

Gezondheid