We kennen de clichés allemaal wel. Blondjes zouden meer plezier hebben maar minder slim zijn, brunettes zijn de serieuze harde werkers en roodharigen hebben een vurig karakter. Deze beweringen over onze persoonlijkheid horen we al decennia, maar kloppen deze vooroordelen over haarkleuren eigenlijk wel?
Wetenschappers zijn er inmiddels uit: je natuurlijke haarkleur bepaalt biologisch gezien helemaal niets over je karakter, maar de manier waarop de maatschappij naar je kijkt heeft wel degelijk een gigantische impact op hoe je jezelf gedraagt.
Uit onderzoek van de Ohio State University, waarbij de IQ-scores van ruim 10.000 vrouwen werden geanalyseerd, blijkt dat blonde vrouwen gemiddeld zelfs een fractie hoger scoorden dan vrouwen met een andere haarkleur. Hoewel dit verschil eigenlijk te klein is om te beweren dat blondines slimmer zijn, bewijst het volgens de onderzoekers onomstotelijk dat het stereotype van het 'domme blondje' klinkklare onzin is. De herkomst van je haarkleur is namelijk puur genetisch bepaald en heeft biologisch gezien geen enkele verbinding met je hersenen.
Onze vooroordelen over haarkleuren
Hoewel je DNA dus niets zegt over je karakter, doet de maatschappij dat helaas wel. Onbewust oordelen we namelijk binnen een aantal seconden al op basis van iemands haarkleur. Een uitgebreide studie naar haarkleurstereotypen laat zien dat haarkleur hierin een grote rol speelt. Brunettes worden in professionele settings bijvoorbeeld vaker gezien als betrouwbaar en serieus, terwijl roodharigen door de zeldzaamheid van hun kleur vaker worden geassocieerd met onafhankelijkheid. Deze hardnekkige vooroordelen kunnen er onbewust voor zorgen dat mensen zich uiteindelijk naar hun stereotype gaan gedragen.
Waarom we ons gedrag aanpassen aan onze haarkleur
Wanneer je je haar verft, kan dat je hele uitstraling én je innerlijke zelfvertrouwen veranderen. Dit fenomeen hangt nauw samen met hoe we onszelf waarnemen. Uit consumentenonderzoek naar haarkleur en zelfbeeld blijkt dat 60% van de mensen blond haar associeert met een extraverte en gezellige persoonlijkheid. Mensen die hun haar blond verven, gaan zich door deze maatschappelijke associatie vaak ook daadwerkelijk socialer en zelfverzekerder gedragen. Je haarkleur verandert dus niet direct je hersenen, maar wel de manier waarop je in de spiegel kijkt.
Feiten over haarkleur die wél kloppen
Hoewel we de psychologische clichés aan de kant kunnen schuiven, zijn er wel een paar unieke, biologische verschillen tussen de verschillende haartypes die door de wetenschap zijn aangetoond:
- Roodharigen en pijngevoeligheid: Onderzoek toont aan dat natuurlijke roodharigen door een specifieke genmutatie (het MC1R-gen) anders reageren op bepaalde soorten pijn en vaak meer verdoving nodig hebben bij de tandarts.
- Aantal haren op je hoofd: Blondines hebben gemiddeld de meeste haren op hun hoofd (ongeveer 150.000), terwijl roodharigen met gemiddeld 90.000 haren het dunst bezaaid zijn.
- De rol van pigmenten: Je haarkleur wordt bepaald door de verhouding tussen twee pigmenten: eumelanine (donker) en feomelanine (licht/rood). Naarmate we ouder worden, stopt de productie hiervan, wat grijs haar veroorzaakt.
Mocht je zelf plotselinge en extreme veranderingen in je haargroei of haarstructuur opmerken, bespreek dit dan altijd even met je huisarts, aangezien dit soms samen kan hangen met onderliggende vitaminetekorten.