Voeding

Dit is hoe lang eten écht goed blijft in de vriezer

Een bakje pastasaus van drie maanden geleden, een zak diepgevroren spinazie die al een tijdje achterin ligt of dat stukje kip waarvan je niet meer weet wanneer je het hebt ingevroren... De vriezer is ideaal om voedsel langer te bewaren en verspilling tegen te gaan. Maar hoe lang blijft eten eigenlijk goed? En wanneer kun je iets beter weggooien?

Dagmar Harkema
2 minuten
iemand haalt eten uit vriezer

Veel producten blijven in de vriezer veel langer goed dan de meeste mensen denken. Toch zit er een verschil tussen veilig om te eten en nog lekker om te eten.

In de vriezer bederft eten bijna niet

Zolang je vriezer op -18 °C of kouder staat en de temperatuur constant blijft, is ingevroren voedsel qua voedselveiligheid heel lang houdbaar. Bij die temperatuur kunnen bacteriën zich namelijk niet meer vermenigvuldigen. Dat betekent niet dat eten voor altijd perfect blijft, maar wel dat het niet zomaar bederft zoals in de koelkast.

Na verloop van tijd kan de kwaliteit wel achteruitgaan. Een stukje vlees kan wat droger worden, brood minder luchtig en groenten iets zachter. Dat komt doordat smaak, kleur en structuur langzaam veranderen, ook in de vriezer. Volgens het Voedingscentrum is het daarom slim om richtlijnen voor bewaartermijnen aan te houden. Niet omdat het eten daarna direct onveilig is, maar omdat het simpelweg minder lekker wordt.

Zo lang blijven verschillende producten op hun best

Natuurlijk hoef je niet voor elk bakje een stopwatch te zetten. Maar deze richtlijnen geven een goede indicatie van hoe lang producten hun kwaliteit behouden.

  • Rundvlees: 6 tot 12 maanden
  • Varkensvlees: 4 tot 6 maanden
  • Kip of kalkoen: ongeveer 9 maanden
  • Gehakt: 2 tot 3 maanden
  • Magere vis: 6 tot 8 maanden
  • Vette vis, zoals zalm: 2 tot 3 maanden
  • Vleesvervangers en tofu: ongeveer 3 maanden
  • Brood: ongeveer 3 maanden
  • Groenten: 8 tot 12 maanden (het liefst eerst kort koken ofwel blancheren; dit stopt de enzymwerking waardoor vitamines, kleur en knapperigheid beter behouden blijven)
  • Fruit: 8 tot 12 maanden
  • Soep, curry's en stoofgerechten: ongeveer 2 tot 3 maanden
  • Kant-en-klare maaltijden: ongeveer 3 maanden

Staat iets langer in de vriezer? Dan hoef je het niet meteen weg te gooien. Kijk, ruik en proef na het ontdooien altijd goed. Vaak is de smaak wat minder, maar is het nog prima eetbaar.

Witte plekjes op je eten? Geen paniek

Zie je witte of grijzig droge plekken op vlees of brood? Grote kans dat je te maken hebt met vriesbrand. Dat klinkt erger dan het is. Vriesbrand ontstaat doordat voedsel uitdroogt wanneer er lucht bij komt. Het ziet er misschien niet zo smakelijk uit, maar het is niet schadelijk voor je gezondheid. Wel kan het eten droger zijn en minder smaak hebben. Door voedsel goed luchtdicht te verpakken, voorkom je vriesbrand grotendeels.

Kun je iets opnieuw invriezen?

Heb je rauw vlees, vis of groenten uit de vriezer ontdooid? Dan kun je deze volgens het Voedingscentrum beter niet opnieuw invriezen. Tijdens het ontdooien kan de kwaliteit achteruitgaan en krijgen bacteriën weer de kans om zich te vermenigvuldigen.

Er is wel een uitzondering. Gebruik je het ontdooide product om een maaltijd te bereiden en verhit je het goed? Dan kun je het bereide gerecht, nadat het snel is afgekoeld, wél opnieuw invriezen. Maak bijvoorbeeld van ontdooid gehakt een pastasaus of gebruik ontdooide groenten in een soep of curry.

Een simpele gewoonte die veel voedselverspilling voorkomt

Door de invriesdatum op een bakje of zakje te schrijven, weet je precies wat als eerste op moet. Dat voorkomt niet alleen twijfel, maar ook onnodige voedselverspilling. Bewaar voedsel daarnaast altijd goed afgesloten, vries het zo snel mogelijk na bereiding of aankoop in en zorg ervoor dat je vriezer op -18 °C blijft staan.

Veel producten blijven dus maandenlang veilig om te eten, mits ze goed zijn ingevroren. Houd wel de aanbevolen bewaartermijnen aan als je wilt dat je eten ook zijn smaak en structuur behoudt. Zo haal je het meeste uit je voorraad én belandt er minder eten in de afvalbak.