Nu de temperatuur daalt, is voor de echte koukleum een dikke trui, muts, sjaal én handschoenen niet meer genoeg. Waarom krijgt de één het eerder koud dan de ander? En vooral: hoe krijg je het wél warm? Met dit stappenplan gaat zelfs de grootste koukleum stralen als een duurzaam straalkacheltje.

De kerntemperatuur van het lichaam schommelt rond de 37 graden. Dat is de perfecte balans: het is hoog genoeg om schimmelinfecties te voorkomen, maar ook weer niet te hoog, zodat je niet constant moet blijven eten en bewegen om je lichaamstemperatuur op peil te houden. Hoewel de kerntemperatuur ongeveer hetzelfde is bij iedereen, verschilt de temperatuurhuishouding wel per persoon. Het heeft te maken met je gewicht, geslacht, leeftijd en de ingestelde temperatuur en waarden van je lichaam. Oorzaken waar je zelf geen invloed op hebt. Ook slecht eten, stress, slaapritme, beweging, kleding en gewenning hebben hun aandeel. Het goede nieuws: daar heb je wel invloed op!

5 verwarmende tips tegen de kou

1. Leer je eigen temperatuur kennen

Luister met aandacht naar je lichaam. Wanneer heb je het koud? Welke lichaamsdelen zijn dan vooral koud? Meet ook eens een week lang elke dag je lichaamstemperatuur. Is je temperatuur rond de 37 graden? Dan zit je goed. In de ochtend is je lichaamstemperatuur overigens het laagst, in de avond het hoogst. Neem ook je leefstijl onder de loep: hoe eet, beweeg en slaap je? Heb je veel stress? Warmte komt immers uit jezelf en door te zorgen voor reserves, ben je minder vatbaar voor kou.

2. Houd je bloedsomloop op peil

Het verwarmen van je lichaam vraagt energie. Soms heb je dat niet, omdat je niet voldoende eet, verkeerd eet of de voeding niet goed wordt opgenomen in het lichaam. Het stimuleren van de doorbloeding is dan ook geen overbodige luxe. Vers, onbewerkt, gevarieerd – het is de bekende drie-eenheid als het om gezonde voeding gaat. Dit is ook belangrijk voor een warm lichaam. Let er ook op dat je voldoende vitamine B12 en ijzer binnenkrijgt, want ze stimuleren de bloedsomploop. Vitamine B12 vind je onder andere in zuivel, vis en vlees en ijzer in groente bladgroenten, peulvruchten, noten en gedroogd fruit.

3. Beweeg je warm

Als je het koud hebt, ga je het liefst met een deken in een hoekje zitten. Met opgetrokken benen en je handen er stevig omheen geklemd. Niet gek: door jezelf klein te maken, verzamel je de warmte van je lichaam. Toch krijg je het sneller warm als je in beweging komt. Tijdens het bewegen gaat je lichaam meer verbranden, waardoor energie vrijkomt. En energie is warmte! Hierdoor krijg je het minder snel koud. Zoek vooral de buitenlucht op. Mensen die veel buiten zijn, zijn goed in staat om de stofwisseling in een hogere versnelling te zetten en zo warmte op te wekken als de lichaamstemperatuur dreigt te dalen. Neem dus vaak een frisse neus. Warm je lichaam alvast op met een licht karweitje binnenshuis en ga ’s ochtends naar buiten, zodat je de dag warm begint.

4. Neem je kledingkast onder de loep

Dikke truien, sjaals, handschoenen … Dat klinkt als een perfecte wintergarderobe, maar kijk jij ook op de etiketten van je kleding? Ja, niet alleen bij voeding doe je er goed aan om de ingrediëntenlijst te scannen. Dons, merinowol, kasjmier, alpacawol en lamswol houden je het warmst. Vergeet ook de laagjes niet. Om het écht warm te hebben, bouw je die laagjes als volgt op:

  1. Thermische onderkleding gemaakt van merinowol of het synthetische polypropyleen. Deze laag zorgt ervoor dat zowel jij als het materiaal droog blijven.
  2. Een trui. Denk aan een trui van fleece, wol of dons.
  3. Een goede jas, die ademend, vochtafstotend en winddicht is. Tussen de buitenste twee lagen kun je eventueel nog andere isolatielagen stoppen, zoals een donsjas. 4. Vergeet je hoofd niet te bedekken met een warme muts, juist daar verlies je veel warmte!

5. Geef jezelf een voetmassage

Vooral vrouwen hebben er vaak last van: koude handen en voeten. Een voetmassage stimuleert de doorbloeding. Alleen al strijkende bewegingen over de voet maken met een lichte druk is voldoende om de doorbloeding in de voeten te stimuleren. Wat ook werkt: knikkers! Maak een voetenbadje en leg een reeks knikkers op de bodem. Beweeg vervolgens je voeten hier overheen.