De ziekte van Weil, ook wel rattenziekte genoemd, is een infectieziekte die wordt overgebracht door bruine ratten. Voor 2014 kwam de ziekte in Nederland bijna niet voor. In het afgelopen jaar is het aantal mensen met de ziekte echter gestegen van zeven naar zestig. Wat is de ziekte van Weil? En waar komt die toename vandaan?

De helft van alle bruine ratten in Nederland draagt bacteriën bij zich die de ziekte van Weil kunnen overdragen. De bacteriën komen via hun urine in het oppervlaktewater of modder terecht en kunnen vervolgens via de mond, neus, ogen of wondjes binnendringen. Door de toename van ratten, vooral in grote steden, neemt ook het aantal gevallen van deze ziekte toe. Zodra je geïnfecteerd bent met de bacteriën, krijg je hoge koorts, verlies van nier- en leverfuncties, en soms hersenvliesontsteking of longbloedingen. Een antibioticabehandeling is effectief, al kunnen mensen wel last houden van vermoeidheidsklachten.

Ziekte van Weil ook in Nederland

De rattenziekte, die officieel leptospirose wordt genoemd, kwam vóór 2014 nauwelijks voor in Nederland. Maar tussen 2014 en 2015 ging het aantal gevallen van zeven naar zestig per jaar. Ook in andere Europese landen als Duitsland, Frankrijk en België was er een stijging van het aantal ziektegevallen.

De aandoening komt normaal gesproken alleen voor in warme gebieden. Landen waar de rat het hele jaar door kan leven. Door de verandering van dat het klimaat zijn Nederlandse winters niet meer écht koud. Vorig jaar was het zelfs de op één na warmste winter ooit. Met een gemiddelde temperatuur van 6,4 graden, lag de temperatuur 3 graden hoger dan normaal.

Ratten blijken in deze ‘warme’ temperaturen veel beter te kunnen overwinteren in ons land. De vele regen is een extra voordeel voor de bacteriën die de ziekte overbrengen. Bacteriën blijven langer leven in open water.
Meer ratten en meer regen; het zijn deze twee factoren die ervoor zorgen dat de ziekte van Weil makkelijker uitbreekt.

Huisarts herkent ziekte van Weil niet

Omdat de ziekte al zo lang niet meer voorkomt in Nederland, herkennen huisartsen de klachten vaak niet of pas veel te laat. Het is daarom belangrijk zelf alert te zijn op symtomen zoals plotse hoge koorts (39-40 graden), buikpijn, braken, spierpijn (vooral in de kuiten) en hevige hoofdpijn.