Keurig geknipte buxushaagjes, de bodem bedekt met tegels en geen sprietje onkruid te zien. Veel tuinen in Nederland zien er zo uit. Maar wist je dat het veel duurzamer kan? Een duurzame tuin lijkt misschien lastig, maar dat is het niet. Het is zelfs makkelijker! Zeker met dit stappenplan voor luie mensen zonder groene vingers.

Stap 1: ken je bodem

Grond is misschien niet het meest inspirerende onderwerp, maar is wel de start van een duurzame tuin. Zorg dat je je bodem kent of laat je bodem onderzoeken. Niet elke plant doet het op elke bodem even goed. Als je bodem kent, oogst je meer succes in je tuin. Ruwweg komen er vier grondsoorten voor in Nederlandse tuinen: klei, veen, leem en zand.

Stap 2: kies voor vijf tot zeven lagen beplanting

Het is het beste als deze lagen beplanting in hoogte varieert. Van hoog naar laag – bomen, heesters, vaste planten, strooiplanten, bolgewassen. Zo zorg je voor de juiste verhouding, sfeer en beleving in verschillende seizoenen. Diversiteit, ook qua soorten, zorgt voor een sterk eco-systeem in je tuin.

Stap 3: leer en leer!

Verdiep je in de planten die het mogelijk goed kunnen doen op jouw bodem. Kijk welke combinaties elkaar bekrachtigen en welk groen nuttig kan zijn. Er zijn planten die insecten versieren, die de grond van voedingstoffen voorzien of ziektes op afstand houden. Je kunt leren door letterlijk met je handen in de aarde te gaan wroeten en te zien wat er gebeurt, je kunt ook een van de volgende apps downloaden: Gazonwijzer, Plantnet of MijnTuin.

Stap 4: doe duurzaam, doe minder

Een tuin met beplanting, betekent niet automatisch dat je veel uren doorbrengt met het onderhouden van alle planten en bomen. Juist niet. Zo kun je dood blad gerust laten liggen in de borders, tussen struiken en bloempartijen. De dikke laag bladeren heeft een isolerende werking tijdens de winter en egels en andere tuindieren zullen gretig gebruikmaken van een dik bladerenpak. In een duurzame tuin snoei je bovendien alleen met een doel en bemest je alleen wanneer het écht niet anders kan.

Stap 5: plant bewust

Wat eet je graag? Welke planten vind je mooi? Denk na over je plantkeuze en kies vooral planten waar je iets mee kunt. Fruitbomen, notenbomen, kruiden, paddenstoelen. Heb je de ruimte, houd dan ook zeker een stukje vrij voor een moestuin. Niets lekkerder en meer duurzaam dan fruit en groenten uit eigen tuin!

Stap 6: bestrijd niet zomaar onkruid met chemische middelen

Observeer! Kijk wat het goed doet in je tuin en wat minder goed gaat. Wind is ook een belangrijke groeifactor of -stopper. Weet ook dat als je een boom en een haag naast elkaar neerzet dat die veel water aan de bodem kunnen onttrekken, waardoor andere planten het minder goed doen.

Stap 7: plaats regenzuilen of regentonnen

Geef hiermee je plantjes water. Dat is wel zo milieuvriendelijk.

Meer weten over duurzaam tuinieren?

– Bekijk deze documentaire over voedselbossen.
– Een perma-moestuin? Ook dat kan! In deze YouTube-cursus wordt alles uitgelegd.
– De boerderij van de toekomst is duurzaam. Neem een kijkje.