<-- NIET ACTIEF -->

Bewegingswetenschapper dr. Maarten Prins besteedde de laatste zes jaar aan het doen van promotieonderzoek naar lage rugpijn. Een kwaal die elk jaar zeker een miljoen Nederlanders treft en waarvoor maar geen duidelijke oorzaak gevonden kan worden. Is er nu eindelijk een oplossing gevonden?

Je werkt momenteel als onderzoeker bij het Militair Revalidatie Centrum. Hebben die militairen überhaupt wel last van lage rugpijn?

“Natuurlijk! Lage rugpijn komt in alle lagen van de bevolking voor. Bij mensen die weinig bewegen, maar ook bij mensen met fysiek zwaar werk, zoals veel militairen dat hebben. Zelfs een olympisch sporter als schaatser Sven Kramer heeft last van zijn rug. Elk jaar melden zich meer dan een miljoen Nederlanders met lage rugpijn bij de huisarts. Het gaat dus om gigantische aantallen. Meer dan vijftig procent van de mensen krijgt ooit in zijn leven lage rugpijn. Bij de meesten gaat dat gelukkig binnen een week of zes vanzelf weer over, maar bij een aantal blijft de pijn. Als het na een jaar nog niet over is, dan is de kans nihil dat je ooit echt helemaal van de rugpijn afkomt. Dat is een rottige boodschap om te moeten brengen, maar dat is wel de realiteit.”

Klopt het dat de oorzaak voor lage rugpijn nog steeds niet gevonden is?

“Dat klopt. Mensen met langdurige lage rugpijn vragen vaak om een MRI-scan in de hoop dat er een afwijking gevonden wordt die de rugpijn kan verklaren. Maar dat doen we liever niet. Afwijkingen aan de rug zijn vaak wel te vinden op zo’n scan, zeker op latere leeftijd. Maar het rare is dat we die afwijkingen ook vinden bij mensen zonder rugklachten. De afwijkingen kunnen dus niet altijd de pijn verklaren. Dat is het lastige. Mensen lopen met pijn rond waarvoor doorgaans geen oorzaak gevonden kan worden. Dat betekent natuurlijk niet dat de pijn er niet is of dat je je iets inbeeldt. Want dan zouden meer dan een miljoen Nederlanders ze niet allemaal op een rijtje moeten hebben.”

Maar pijn is toch een signaal dat er iets niet goed zit?

“Acute pijn is inderdaad een signaal dat er schade of dreigende schade is, maar chronische pijn is echt iets anders. Als je spierpijn hebt, zitten er minuscule scheurtjes in de spier. Die scheurtjes herstellen over het algemeen binnen een paar dagen volledig en dan verdwijnt de pijn. Ook rugklachten ontstaan over het algemeen door overbelasting, zoals na zwaar tillen of doordat je een ongelukkige beweging maakt. Dat gaat vaak vanzelf wel weer over. Bij een aantal mensen blijft de pijn echter hangen, ook als de rug weer hersteld is. We snappen niet goed waarom dit gebeurt.”

Jouw onderzoek laat zien dat mensen met een soepele rug minder snel lage rugpijn ontwikkelen. Zeg ik dat zo goed?

“Het ligt een beetje anders. Wat we zien is dat mensen met lage rugpijn veel minder gevarieerd bewegen met hun rug. Als ze hun veter strikken, gaan ze bijvoorbeeld altijd op een stoel zitten, leggen hun voet op hun knie en gaan dan strikken. Ze hebben geleerd dat deze manier ‘veilig’ is en proberen het daardoor nooit meer anders te doen, terwijl dat vaak prima blijkt te kunnen. Ook tijdens het lopen beweegt hun rug met elke stap op dezelfde manier. Bij mensen zonder lage rugpijn draait de rug met elke stap net wat anders. Er is meer variatie in bewegen en daardoor wordt je rug ook elke keer net wat anders belast. Deze ‘bewegingsrijkdom’ van de rug kan eraan bijdragen dat als je je eens verstapt, je daar adequater op kunt reageren. Dus krijg je onverwacht een duw, dan kun je die klap misschien wat makkelijker opvangen zonder dat het meteen in je rug schiet.”

Zijn er manieren om de controle over je rug te verbeteren?

“Dat is nog best ingewikkeld, omdat je rug zo’n centrale plek in je lichaam heeft. Een kniegewricht bijvoorbeeld kun je makkelijker trainen. Als je een maandje oefent met balletje trappen, dan gaat dat steeds beter. Een duidelijk teken dat de controle over de knie beter is geworden. Maar of de controle over je rug verbetert? Dat valt met zo’n eenvoudige oefening als balletje trappen niet te controleren. Er zijn wel technologische vernieuwingen die hierbij kunnen helpen. Zo zijn er sensoren die je tussen je schouderbladen en je bekken kunt plakken. Die sensoren staan in contact met een computergame. Door bepaalde rugspieren te activeren kun je dan bijvoorbeeld een vliegtuigje aansturen waarmee je een bepaald parcours moet afleggen. Maar goed, nog lang niet elke fysiotherapeut heeft deze technologie tot zijn beschikking.”

Wat kun je, als je niet zo’n ‘bewegingsrijke’ rug hebt, doen om te voorkomen dat je lage rugpijn krijgt?

“Dat is the million dollar question en dan vooral de vraag: hoe voorkom je dat die lage rugpijn chronisch wordt? Dat weten we gewoon niet. Vroeger moest je bij lage rugpijn zes weken plat. Rust houden. Daarvan weten we: dat werkt echt niet. Sterker nog, het maakt de klachten alleen maar erger. Bij acute rugpijn geldt dat je moet bewegen binnen je mogelijkheden. Dus als je kunt traplopen of stofzuigen: doen. Kun je wandelen? Blijf niet stilzitten. Meestal is dat genoeg om binnen zes weken op natuurlijke wijze te herstellen.”

Helpen massages of ander manuele technieken ook om die rug soepeler te maken?

“Ja, maar meestal is het effect van korte duur en is het dus niet ‘de oplossing’. Het is wel een goede manier om de pijn tijdelijk te verminderen en de beweeglijkheid te vergroten, waardoor je makkelijker kunt gaan bewegen of sporten. Want oefenen, dat weten we zeker, draagt ertoe bij dat de lage rugpijn (ook als die chronisch is!) minder heftig is.”

Welke oefeningen werken dan het best?

“Daar is ontzettend veel onderzoek naar gedaan, maar er lijkt weinig verschil te zijn in de effectiviteit van core-stabilityprogramma’s, yoga of het traditionele oefenprogramma dat je van de fysiotherapeut krijgt. Het gaat erom dat je oefent en dat je verschillende soorten oefeningen doet. Eindeloos alleen maar sit-ups doen is niet de manier. Kies voor oefeningen die veel variatie bieden in de manier waarop je je rug beweegt. En of je dan voor yoga gaat of aan fitness doet? Dat maakt niet zo veel uit. Ik zou wel willen afraden om bijvoorbeeld met tweehonderd kilo in je nek push-ups te gaan doen. Luister naar je lijf én uiteraard naar je rug. Het liefst zou ik mensen willen adviseren om het niet alleen bij oefeningen te houden, maar ook te gaan zwemmen, dansen, fietsen of wandelen, omdat je met al die verschillende sporten je rug steeds weer anders stimuleert. Dat gevarieerd bewegen is ontzettend belangrijk voor die rug en eigenlijk voor je hele lijf. Probeer dus veel uit en voel wat het met je doet.”

Wat kan ik verder nog doen om herstel een handje te helpen?

“Uit onderzoek is vooral naar voren gekomen wat niet werkt. Neem bijvoorbeeld paracetamol slikken. Veel huisartsen adviseren dat nog steeds bij acute lage rugpijn, maar een grootschalige studie laat geen twijfel mogelijk. Er was totaal geen verschil in pijnklachten of hersteltijd tussen mensen die paracetamol slikten en de groep die placebo’s kreeg. Zo’n paracetamolletje doet dus niets bij acute lage rugpijn. En of het werkt bij chronische lage rugpijn is nog niet goed uitgezocht. Zelfs met chirurgisch ingrijpen bij een hernia zijn artsen tegenwoordig terughoudendheid, omdat dit in de praktijk net zo veel effect lijkt te hebben als afwachten.”

Heb je dan helemaal geen positief advies te geven?

“Het klinkt raar, maar zeker als je al een jaar of langer met lage rugpijn rondloopt, is de kans klein dat je weer helemaal pijnvrij wordt. Opvallend is dat mensen die chronische rugpijn hebben dat vaak maar moeilijk kunnen accepteren en daarom jarenlang zoeken naar de oplossing. Ze reizen stad en land af en gaan van zorgverlener naar zorgverlener. In het zoeken naar beterschap gaat heel veel tijd en energie zitten, zeker als resultaat uitblijft. Mijn advies is in zo’n geval vooral: aanvaard de pijn. Als je dat doet, verandert je focus. Je kunt gaan kijken naar wat je nog wél kunt. En dat is vaak meer dan je denkt. Ga vooral dat doen wat je energie geeft. Heel vaak komen mensen dan tot de ontdekking dat ze bijvoorbeeld nog prima kunnen werken. Die pijn zal misschien van tijd tot tijd wel weer opspelen, maar dat is dan zo. Als je die pijn niet langer centraal zet, wordt het leven vaak veel leuker en leefbaarder. ”

Nadat hij zijn opleiding fysiotherapie afgerond had, ging dr. Maarten Prins bewegingswetenschappen studeren. De afgelopen zes jaar combineerde hij zijn werk als fysiotherapeut bij het Militair Revalidatie Centrum Aardenburg met het doen van promotieonderzoek naar lage rugpijn aan de Vrije Universiteit Amsterdam.