Zo’n zes miljoen Nederlanders hebben ‘m deze en vorige maand weer in de brievenbus gekregen: een oproep voor de griepprik. Over deze jaarlijkse prik doen veel wilde verhalen de ronde. Daarom hebben we de meest belangrijke fabels en feiten op een rij gezet.

Elk jaar krijgt één op de tien mensen griep. Dat klinkt misschien onschuldig, maar een echte griep gaat gepaard met koorts, hoofdpijn en spierpijn in het hele lichaam. Soms houdt het wel een week aan. Voor de duidelijkheid: een beetje snotterig zijn, is dus geen griep. Voor mensen met een lage weerstand kan griep zelfs dodelijk zijn.

Jaarlijks overlijden in Nederland gemiddeld 2700 mensen aan de gevolgen van griep, aldus het RIVM. Om die reden wordt in ieder geval aan mensen boven de 60 jaar en kinderen en volwassenen met bepaalde chronische ziekten de griepprik aangeboden. Als je het vaccin gratis krijgt aangeboden, krijg je daarover een brief van je huisarts. Maar waarom is een griepprik verstandig? En word je er niet juist ziek van? We delen de belangrijkste feiten en fabels over dit vaccin.

1. De griepprik hoef je maar één keer te halen

Fabel. Als je de griepprik haalt, beschermt deze je voor een half jaar. Je moet je dus elk jaar opnieuw laten vaccineren. Denk eraan dat de beste tijd om de prik te halen tussen half oktober en eind november is en niet pas als iedereen om je heen al griep heeft. Alleen dan ben je de hele winter beschermd. Een prik halen in mei heeft daarom niet veel zin. Daar komt bij dat het vaccin pas werkt na twee weken.

2. De griepprik veroorzaakt juist griep

Fabel. Bij elk vaccin kun je last krijgen van bijwerkingen, zoals in dit geval hoofdpijn, lichte spierpijn en verhoging. Maar dat je van het vaccin echt griep kunt krijgen, is een fabel. De griepprik zorgt ervoor dat je afweer tegen griepvirussen verbetert. In de prik zitten stukjes van verschillende dode griepvirussen. Deze zijn onschadelijk en zorgen ervoor dat je lichaam afweerstoffen aanpakt. Na twee weken heb je er genoeg van in je lichaam om het virus onschadelijk te kunnen maken.

3. Als je al griep hebt, moet je wachten met de prik

Feit. Als je verkouden bent, mag je de prik gewoon halen. Heb je koorts en dus griep? In dat geval moet je wel wachten tot in ieder geval de koorts gezakt is.

4. Het vaccin beschermt niet tegen alle virussen

Feit. De griepprik beschermt tegen de meest voorkomende griepvirussen, maar niet tegen andere virussen, zoals het verkoudheidsvirus. Wist je dat er in het vaccin elk jaar andere griepvirussen zitten? Dat komt omdat ook virussen elk jaar veranderen. Wetenschappers voorspellen elk jaar opnieuw welke virussen in de winter veel zullen voorkomen. In de griepprik worden dan de stoffen verwerkt die passen bij die virussen.

5. Door de griepprik krijg je nooit meer griep

Fabel. Door de griepprik te halen, zorg je ervoor dat je niet of minder ziek wordt van het virus. Dat verschilt per persoon en hangt af van je weerstand. Je kunt dus nog steeds griep krijgen, maar de verschijnselen ervan zullen minder erg zijn. Zeker voor ouderen en mensen met een lage weerstand, diabetes, een chronische long-, hart- of vaatziekte is dit vaccin heel belangrijk, omdat griep aandoeningen kan verergeren. Deze groep krijgt de griepprik gratis aangeboden.

6. Als ik niet in de risicogroep thuishoor, is een vaccin niet nodig

Feit. Als je gezond bent en jonger dan zestig jaar, is de griepprik niet per se nodig. Als je een goede weerstand hebt, loop je namelijk veel minder risico op ernstige complicaties. Je kunt er natuurlijk voor kiezen om de prik wél te halen, maar dan zijn de kosten voor eigen rekening. Sommige zorgverzekeraars vergoeden dit.

7. De griepprik is veilig voor iedereen

Fabel. Kinderen die jonger zijn dan zes maanden en mensen die allergisch zijn voor het antibioticum neomycine, mogen volgens het RIVM geen griepprik krijgen. Als je allergisch bent voor kippenei-eiwit kun je een allergische reactie krijgen op de griepprik. Overleg daarom altijd met de huisarts of het verstandig is.