Burn-out lijkt soms wel een epidemie. Collega’s zitten thuis, vrienden voelen zich opgebrand en misschien voel jij ook wel dag en nacht gestrest door het werk. Het gekke: we weten niet eens precies hoe je zo’n burn-out het best bestrijdt. Psycholoog Thijs Launspach tackelt netelige kwesties over de burn-out. Want moet je rust houden of toch weer gauw aan de bak gaan?

Waarom hebben meer mensen een burn-out?

Thijs Launspach, psycholoog en schrijver van het boek ‘Fokking druk’: “Burn-out is in feite een ontsporing van ons stresssysteem. Als er gevaar dreigde in de oertijd, zette dat stresssysteem ons aan tot vechten of vluchten. In de huidige samenleving rinkelen er continu alarmbellen, terwijl dat oerinstinct van vechten of vluchten helemaal geen adequate oplossing biedt. Dat rinkelen gaat nu onverminderd door.”

Waarom kun je niet eens meer televisie kijken als je opgebrand raakt?

“Dat continu rinkelen van de alarmbellen beschadigt op termijn het stresssysteem. En wat gebeurt er dan? Activiteiten die we normaal absoluut niet als stressvol zouden ervaren, worden dat ineens wel. Tv-kijken, boodschappen doen, een telefoongesprek voeren: al die doodnormale dingen die je altijd met de grootste vanzelfsprekend deed, kunnen als je een burn-out hebt als onmogelijk aanvoelen.”

De ene behandelaar stelt bij een burn-out: absolute rust. De ander zegt: blijf niet te lang uit de roulatie want dan wordt de drempel om weer te werken te groot. Wat is waar?

“Mijn ervaring is dat absolute rust nemen een voorwaarde is om het stresssysteem te laten herstellen. Net als je spieren met een sportblessure moet je je geest rust gunnen voor je hem weer langzaam kunt belasten. De grootste valkuil is dat je te snel wilt gaan. Herstel van een burn-out kan wel een jaar duren en voor het nemen van algehele rust ben je op zijn minst weken, zo niet maanden kwijt. Daarom is preventie zo belangrijk.”

Klopt het dat burn-out eigenlijk niet echt bestaat, omdat het nog niet in het psychiatrische diagnosesysteem DSM-V staat?

“Ja, dat klopt inderdaad. Dat systeem deelt de menselijk geest en het lijden op in hokjes en vervolgens hangen we daar een diagnose aan. Burn-out valt in een rest-categorie, dat wil zeggen dat het nergens in past. Dat is niet zo gek. In theorie klinkt het allemaal leuk, maar in de praktijk laat de menselijke geest zich niet in hokjes duwen. Er is veel overlap. Als je verslaafd bent aan alcohol bijvoorbeeld ligt daar nogal eens een depressie aan ten grondslag. En mensen met burn-out hebben vaak ook depressieve klachten en zijn meer dan gemiddeld angstig. Soms vertonen ze zelfs verschijnselen die lijken op het posttraumatische stresssyndroom. Dat maakt het niet eenvoudig om de juiste diagnose te stellen. Zeker niet omdat er geen wetenschappelijke consensus bestaat over is wat nu een burn-out is.”

En nee, een burn-out is echt geen aanstelleritis. Thijs Launspach legt uit waarom.