Als je sport hoor je te zweten, is vaak de gedachte. Toch zweet iedereen anders, mannen bijvoorbeeld meer dan vrouwen. Wist je dat je het vermogen om te zweten zelfs kunt trainen? Dit vertellen jouw zweetdruppels over je sportprestaties.

Zweten is een belangrijk onderdeel van het lichaam. Zweet functioneert als persoonlijke airco. De thermostaat in je hersenen houdt de binnentemperatuur rond de 37 graden. Als de temperatuur oploopt, kan je lichaam via de huid niet voldoende warmte kwijt en ga je zweten. Door de warmte te verdampen, koelt je lichaam af. Als je sport loopt je lichaamstemperatuur op en ga je vanzelf zweten. Bij de één gaat dit makkelijker dan bij de ander. Dat hangt van een aantal factoren af.

Verschil tussen mannen en vrouwen

Over je hele lichaam zitten zweetkliertjes, behalve op je nagels, oren en lippen. Vrouwen hebben meer zweetklieren dan mannen. Mannelijke zweetklieren zijn alleen actiever. Dat een man meer zweet tijdens het sporten, zegt niets over zijn gezondheid. Het hangt namelijk ook af van je lichaamsbouw en je genen. Iemand die van zichzelf al veel zweet, hoeft veel minder te doen om druipend uit de sportschool te komen.

Betere conditie

Een goede zweetproductie kan wel betekenen dat je een betere conditie hebt. Wie regelmatig traint, heeft vaak actievere zweetklieren dan iemand die nooit sport. Het lichaam wordt dan namelijk gedwongen om de warmteregulatie efficiënter te regelen. Je traint als het ware je zweetprestaties. Als je goed zweet, raakt je lichaam niet op een te hoge temperatuur en kun je langer op een hoger tempo fietsen, hardlopen, gewichtheffen of een andere sport beoefenen. Een ervaren zweter kan per uur een liter vocht transpireren.

Zweten over je hele lichaam

Als je sport zweet je over je hele lichaam. Er zijn twee soorten zweetkliertjes in het lichaam aanwezig. De eccriene zweetkliertjes zijn verspreid over de hele huid en worden geactiveerd tijdens het sporten om warmte te verliezen. De apocriene zweetkliertjes geven geurstoffen en bevinden zich in de oksels, rond de tepels en in het genitale gebied. Klotsende oksels krijgen zonder inspanning, duidt vaak op angstzweet. Bij angst worden de apocriene zweetkliertjes geactiveerd, terwijl bij sporten juist de eccriene zweetklieren worden geactiveerd. Over het hele lichaam zweten is dus normaal.

Te weinig of te veel zweten

Goed kunnen zweten is belangrijk. De één zweet zoals gezegd meer dan de ander, maar het kan ook te veel of te weinig zijn. Als je pas op een laat moment begint te zweten, is de kans op overhitting groter. Dat is niet goed voor je sportprestaties, want bij een hoge lichaamstemperatuur kan je lichaam minder verdragen. Mensen die niet zo snel of weinig zweten, kunnen vaak ook minder goed tegen warmte. Abnormaal veel zweten is daarentegen ook niet gezond. Je lichaam kan ongeveer een liter vocht verwerken, als je te veel zweet droog je uit. Dit komt voor bij slechts één op de honderd mensen. Er wordt dan gesproken over hyperhidrosis. Hyperhidrosis wordt veroorzaakt door overactiviteit van één type zweetklier, een eccriene klier. Deze klieren bevinden zich bijna overal op het lichaam, maar vooral in de handpalmen, op de voetzolen en in de oksels.

Vier tips voor een goede zweetproductie

1. Let op met bepaalde kleding. Van kunstmatige stoffen als polyester ga je heviger zweten omdat het niet ademt. Kies voor katoen en probeer luchtige kleding te dragen. Van strakke kleding krijg je het sneller warm. Ook belangrijk: draag altijd een schone outfit.

2. Neem je voeding onder de loep. Ga je een avond flink trainen? Pepers, knoflook en ui zijn zweetbevorderlijk. Met cafeïne en alcohol moet je ook oppassen. Eet voornamelijk plantaardig, waarbij je erop let dat deze voeding uit verse en pure producten bestaat.

3. Was je oksels met PH neutrale zeep. Was je oksels met PH neutrale zeep als je last hebt van vieze geurtjes onder je oksels. Hiermee verwijder je de bacteriën die de zweetgeur van overmatig transpireren veroorzaken.

4. Drink voor en tijdens het sporten. Zorg ervoor dat voordat je begint met sporten al voldoende vocht binnenkrijgt door veel te drinken, vooral in warm weer. Stop met drinken ongeveer één uur voor de inspanning. Hoe meer je zweet, hoe meer je moet drinken. Drink tijdens het sporten ongeveer tussen de 125 en 250 milliliter per kwartier. Wacht niet tot je dorst krijgt, dat is al een teken dat je aan het uitdrogen bent.

Wil je meer lezen over hoe je makkelijker kunt bewegen? Lees het dossier »