<-- NIET ACTIEF -->

Wil je minderen met suiker, dan ontkom je niet aan het lezen van etiketten in de supermarkt. Want door deze piepkleine lettertjes onder de loep te nemen, weet je pas écht wat er in een product zit. Benieuwd hoe je toegevoegde suikers herkent? Wij geven je een spoedcursus etiketten lezen.

Besluit je minder suiker te eten, dan weet je één ding zeker: je gaat meer tijd in de supermarkt doorbrengen. De etiketten grondig lezen kost tijd, maar loont dubbel en dwars. Er sluipt hierdoor niet alleen minder suiker in je huis en dus je maag, op den duur weet je ook welke producten je liever wel en niet in je mandje mikt. Zie het leren lezen van etiketten daarom als een tijdsinvestering waar je de rest van je leven profijt van hebt. Wij leren je de fijne kneepjes:

1. Kijk naar de ingrediënten om toegevoegde suikers te herkennen

Wil je weten welke grondstoffen er in een product zitten, dan moet je bij de ingrediëntenlijst op het etiket zijn. In de Europese etiketteringsvoorschriften is precies vastgelegd hoe fabrikanten ingrediënten op het etiket van hun voedingsmiddel moeten vermelden. Zo moeten de wettelijke of, wanneer deze niet bestaat, de gebruikelijke naam van een ingrediënt vermeld worden. Hier kan dus niet mee gesjoemeld worden. Goed om te weten:

  • Op het etiket staat als eerste het ingrediënt vermeld waarvan het meeste in het product zit. Staat er (een vorm van) suiker vooraan de lijst van ingrediënten? Dan weet je dat het een suikerrijk product is.
  • Over het algemeen kun je ervan uitgaan dat alles dat op -ose of -siroop/stroop eindigt een vorm van suiker is.
  • Fabrikanten zijn soms zo slim dat ze de gebruikte suikers opsplitsen in meerdere soorten. Je hebt dan minder snel door dat het om een suikerbom gaat. Iets om rekening mee te houden.
  • Er zijn meer dan 50 (!) schuilnamen voor suiker. Zo vind je het onder andere op het etiket terug als dextrose, ahornsiroop en fructose. Het Diabetesfonds heeft een handige lijst met de andere namen voor suiker samengesteld. Print deze lijst uit en stop hem in je portemonnee voor tijdens het boodschappen doen of maak er een screenshot van voor op je telefoon om toegevoegde suikers te spotten. De app Kies Ik Gezond is ook een handig hulpmiddel: scan het etiket en je ziet in één oogopslag of het product suiker bevat.

2. Werp een blik op de voedingswaardedeclaratie

Is het gelukt om de ingrediëntenlijst te ontleden? Dan is de voedingswaardedeclaratie aan de beurt. Hier zie je hoeveel energie (calorieën), koolhydraten, suikers, vetten en eiwitten in het product zitten per 100 milliliter of 100 gram. Suiker is natuurlijk een koolhydraat en levert energie, maar wordt bij de voedingswaardedeclaratie altijd apart vermeld. Misschien zegt het aantal gram suiker je helemaal niets. Het helpt dan om te weten dat één suikerklontje ongeveer 4 gram is. Staat er 4 gram of meer bij de voedingswaardedeclaratie, dan weet je dat er tenminste één suikerklontje in zit.

3. Trek je wenkbrauwen op bij voedingsclaims

Heb je de achterkant van een product gehad, dan is het tijd om te speuren naar voedingsclaims op de voorkant. Deze claims mogen alleen gebruikt worden als deze op de Europese lijst van goedgekeurde claims staan. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) controleert de gevoerde claims in Nederlands. De volgende kom je vaak tegen:

  • Suikervrij: Dit betekent dat het suikergehalte van het product maximaal 0,5 gram per 100 gram of 0,5 gram per 100 milliliter. Helemaal suikervrij is het dus niet.
  • Suikerarm: Een product mag deze claim hebben als het een suikergehalte heeft van maximaal 5 gram per 100 gram of 2,5 gram per 100 milliliter.
  • Zonder toegevoegde suikers: Fabrikanten mogen deze claim gebruiken als het product ‘geen suikers of andere vanwege hun zoetkracht gebruikte levensmiddelen zijn toegevoegd’. Als een product van nature suikers bevat, dan moet op het etiket staan: ‘Dit product bevat van nature aanwezige suiker’.