Als het aan psychiater Wiepke Cahn ligt, verdient leefstijl meer aandacht binnen de psychiatrie. Met name op het gebied van bewegen en stoppen met roken valt veel winst te boeken. Wat zijn volgens haar de grootste winstpakkers voor je gezondheid? En waar moet je vandaag nog mee beginnen?

1. Kom in beweging

Wiepke: “Bij UMC Utrecht hebben we een proef achter de rug, waarbij mensen met een psychose de keuze kregen om óf een fitnessprogramma óf creatieve activiteiten te volgen. De fitnessgroep kwam gemiddeld eens per week opdagen, maar deze mensen waren er veel beter aan toe. Ze werden minder vaak opgenomen en hadden minder psychosen. Maar goed, dan moet je mensen dus wel in beweging zien te krijgen. Het is sowieso niet makkelijk om in beweging te komen en al helemaal niet als je ziek bent. Mensen met psychische problemen zitten vaak in een isolement. Vanwege hun ziekte vinden ze het meestal moeilijker om goed voor zichzelf te zorgen. Daar schamen ze zich voor. Ze komen daardoor minder buiten en zitten steeds meer thuis. Zie die vicieuze cirkel maar eens te doorbreken als je al blij bent dat je de dag doorkomt. Dan heb je echt iemand nodig die je op sleeptouw neemt. Het liefst zou ik een fysiotherapeut willen vragen om patiënten te helpen bij het opbouwen van hun conditie.”

2. Stop met roken

“Dat is direct keiharde winst voor hart en vaten, die toch al een zwakke plek zijn van veel mensen met psychische aandoeningen. En, er wordt veel gerookt in de psychiatrie. In ziekenhuizen mag je nergens roken, maar in de GGZ-instellingen wel. Dat is zo gegroeid. Het eerste wat mensen met psychische problemen namelijk doen als het slecht gaat, is ‘zelfmedicatie’ inschakelen. Dat wil zeggen dat ze meer gaan roken, drinken of drugs gebruiken om zich beter te voelen. We dachten altijd dat roken een manier was om beter met stress om te gaan, maar het tegendeel blijkt waar. Uiteraard voelen mensen die net gestopt zijn, zich geestelijk niet top. Dat komt omdat nicotine een piek in je brein veroorzaakt, die voor een lichte euforie zorgt. Dat is ook de reden waarom je na die piek meteen weer een sigaret wilt. Maar als het brein die prikkels van nicotine ontwend is, dan heb je ook geen pieken meer en is je stemming over het algemeen veel stabieler. Het vervelende is dat als mensen opgenomen worden in een psychiatrische instelling, ze niet eens gevraagd wordt óf ze misschien hulp willen bij het stoppen met roken of het afkicken van een andere verslaving. Terwijl dit het herstel enorm kan helpen. En, als je ze het vraagt, antwoorden mensen verrassend vaak ‘ja’.”

3. Bekijk de rol van je voeding

“Bij anorexia lijkt een relatie te bestaan met glutenintolerantie. Die is zo stevig dat het misschien niet verkeerd is om die meiden daarop te screenen. Al is het niet zo dat als je glutenvrij eet, je meteen ook van je anorexia verlost bent. Maar die darmen lijken toch een heel interessante rol te spelen bij de aanmaak van allerlei hersenstoffen. Probiotica zouden via de darmen ook invloed kunnen hebben op je gevoelsleven, is het vermoeden. Die darm-brein-as is er zeker een om in de gaten te houden. Te meer omdat er ook een overlap bestaat tussen verschillende chronische darmziektes en psychische aandoeningen. Ook weten we dat bepaalde voedingsmiddelen zoals suiker en koffie voor een piek in het brein kunnen zorgen. Veel milder dan nicotine, maar toch. Als je al met stemmingswisselingen kampt, is het misschien toch iets om rekening mee te houden. Helaas kun je op basis hiervan nog geen dieet opstellen.”

Kan leefstijl het medicijngebruik terugdringen?

“Ik denk dat de geneeskunde leefstijl steeds meer als medicijn ziet. Het gaat daarbij echter niet zozeer om de vraag: hoe kom je van pillen af? Maar veel meer om: wat kun je als arts extra bereiken als het gaat om de gezondheid van je patiënten? Ik denk niet dat iedereen met een gezonde leefstijl van medicatie afkomt. Bij sommige ziektebeelden is dat gewoon heel moeilijk. Het ligt er dus aan wie er tegenover je zit. Leefstijl moet wat mij betreft integraal opgenomen worden in de behandeling, die je op die ene persoon afstemt. Leefstijlaanpassingen moeten ook bij je passen. De een profiteert wellicht het meest van een betere nachtrust of meer ontspanning, de ander knapt op van beweging of stoppen met roken. En wie weet kan dat op termijn helpen om met minder medicatie toe te kunnen of misschien – in het meest gunstige geval – helemaal af te bouwen. Maar daar moet de focus niet op liggen.”